Arsacal
button
button
button
button


Pastoor Berkhout (nieuwjaarsramp Volendam) neemt afscheid

Volendams Operakoor en Hennie Huisman bij het feest

Overweging Preek - gepubliceerd: zaterdag, 3 maart 2018 - 1216 woorden
Dankwoord pastoor Jan Berkhout
Dankwoord pastoor Jan Berkhout
Met deken Eduard Moltzer en zussen van pastoor Berkhout
Met deken Eduard Moltzer en zussen van pastoor Berkhout
Hennie Huisman aan het woord tijdens de receptie
Hennie Huisman aan het woord tijdens de receptie

Zater­dag­mid­dag 3 maart heb ik in Tui­tjen­horn een fees­te­lij­ke Eucha­ris­tie­vie­ring gece­le­breerd als afscheid voor pastoor Jan Berkhout (*1940) die om ge­zond­heidsre­denen met emeritaat gaat. De kerk was helemaal vol met mensen die deze pries­ter hebben leren kennen in één van de pa­ro­chies waar hij werk­zaam is geweest. Na­tuur­lijk was de tijd in Volen­dam het meest in­druk­wek­kend omdat daar toen de nieuw­jaarsbrand uitbrak...

Het Volen­dams Opera­koor was aanwe­zig en zong samen met het parochiële Sint Caecilia­koor tij­dens de Mis. Deken Eduard Moltzer, admini­strator van de pa­ro­chie, con­ce­le­breerde. Aan het einde van de vie­ring sprak pastoor Berkhout een dank­woordje, waarin hij zei dat hij tij­dens de Mis weer vaak aan Volen­dam had moeten denken. In gedachten stond hij weer op het kerkhof bij een van de graven van de jonge slacht­of­fers of was hij bij mensen thuis. Dank­baar was hij voor de vele jaren van zijn pries­ter­schap en hij zei het jammer te vin­den dat zo weinig jon­ge­ren die weg volgen, want het is een prach­tige roe­ping.

Na de Mis was er een druk bezochte receptie, die door Haar­lems Dagblad ver­slaggever Jan Vriend in goede banen werd geleid; daar hield Hennie Huisman een feesttoe­spraak en blikte terug op zijn contacten met ‘herder Jan’ in een bootje, op Bonaire, als de pries­ter die zijn kin­de­ren had gedoopt en zijn huis had inge­ze­gend (met tot wij­wa­ter gewijd Spa-rood).

Pastoor Berkhout genoot ervan zovele bekende mensen weer te zien en zoveel her­in­ne­ringen terug te halen.

Tijdens de heilige Mis heb ik de volgende preek gehou­den

Homilie

Beste pastoor Berkhout, beste Jan, broeders en zusters,

Het is mooi dat we hier vandaag met zo velen zijn samen geko­men om dit afscheid te vieren. 44 jaar gele­den was ik bij de eerste heilige Mis die je vierde voor de ge­meen­schap van de KTHA in Am­ster­dam. Het is me een eer vandaag aan het einde van je actieve pries­ter­lijke loop­baan, deze fees­te­lij­ke Mis met jou en al deze gelo­vi­gen te mogen vieren.

Een over­zicht...

De aanwe­zigen hier vormen een beeld en bijna een soort over­zicht van jouw pries­ter­lijk werken. Dit afscheid is in de media niet onopgemerkt gebleven. En dat is niet helemaal ver­won­der­lijk: jouw pries­ter­lijk werk heeft zich op ver­schil­lende plaatsen in ons bisdom en dus in deze provincie afgespeeld: Wer­vers­hoof, Haar­lem-Schalk­wijk, Huizen, Uitgeest, het Wil­li­brordhuis, Volen­dam, Breezand en Tui­tjen­horn, waarbij je veel voor mensen hebt mogen betekenen.

Volen­dam...

Na­tuur­lijk herinnert ie­der­een zich je als de pastoor van Volen­dam die na de nieuw­jaarsramp naast de slacht­of­fers en hun families stond en toen tal­loze malen door allerlei media werd geïnter­viewd. Het was een hef­tige en spannende tijd, vol emoties, schokkende erva­ringen; het moet heel zwaar voor je zijn geweest en tege­lijker­tijd heb ik je altijd horen zeggen dat je er zeker geen spijt van hebt gehad dat je deze pas­to­rale taak hebt vervuld, zelfs niet toen bleek dat het ook je eigen ge­zond­heid had aangetast.

Uitda­gingen

“De ijver voor uw huis zal mij ver­te­ren”, zei het evan­ge­lie vandaag over Jezus en dat is dus ook op jou wel van toepas­sing. En er is dus nog veel meer geweest dan alleen Volen­dam: het pas­to­rale werk in heel ver­schil­lende pa­ro­chies met heel ver­schil­lende uit­dagingen, het contact met het Focolare en het rector­schap van de pries­ter­oplei­ding hebben je gevormd.

Van harte wens ik je alle zegen toe voor de nieuwe levensfase die nu gaat beginnen Ik hoop dat je nog een goede tijd zult hebben.

Focus verleggen

We vieren deze Eucha­ris­tie in de veer­tig­da­gen­tijd, de vasten. In de lezingen uit de heilige Schrift komen allerlei thema’s steeds weer terug: na­tuur­lijk gaat het in de vasten vaak over de kenmerken van deze tijd: het gebed, vasten en aalmoezen, aan­dacht voor mensen in nood, voor de armen. Die punten willen ons helpen om onze focus te verleggen en te beseffen waar het in het leven nu echt om gaat: het draait niet om ons­zelf maar om onze dienst aan God en de naaste.

De kern...

In deze veer­tig­da­gen­tijd gaat het ook heel dikwijls over de kern van ons christen­zijn, zoals vandaag in de lezingen: de tien gebo­den kwamen er aan bod, de eerbied voor het huis van God en de bood­schap van de ver­rij­ze­nis uit de doden van onze Heer Jezus Christus.

Veraf...

Dat zijn allemaal woor­den die voor veel mensen in onze tijd ver van hen af lijken te staan, waarbij ze mis­schien hun sch­ou­ders ophalen. Dat is tege­lijk vaak het moei­lijke van de taak van een pries­ter in deze tijd: mensen zijn met andere zaken bezig en lijken die van meer belang te vin­den dan onze bood­schap over de verlos­sing, het lij­den en sterven van Jezus, Gods liefde en het eeuwig leven, al mogen we tege­lijk merken dat bijna alle mensen zoeken naar zin en geluk en er bij­voor­beeld veel aan­dacht is voor een Matteüspassion of voorThe Passion die dit jaar in ons bisdom in de Bijlmer zal zijn.

Niet zo be­lang­rijk

Maar voor veel mensen gaan duizen­den dingen boven gods­dienst. God is voor hen vaag en veraf, een soort kennis van vroeger die al lang naar Australië is geëmi­greerd. Als pries­ter wilde je in deze samen­le­ving getuigen van de liefde van God en dat al dat mate­rië­le, al die dingen die voor­bij­gaan, eigen­lijk niet zo be­lang­rijk zijn.

Wat blijft er over?

Op een moment als dat van de ramp in Volen­dam komt die vraag wel sterk naar boven: Waarom? Welke hoop blijft er over? Wat is nu nog van belang? Want mensen zou­den de hoofd­prijs wel hebben willen betalen als ze daar­mee hun ge­zond­heid terug had­den kunnen kopen. Op een moment als dat van de ramp is helder dat niet-mate­rië­le dingen het be­lang­rijk­ste zijn, zoals de liefde en ver­bon­den­heid tussen mensen, de steun die je vindt, ook in het geloof in God, overgave en ver­trouwen.

Toch is er nog hoop

Dat is de vreugde van ons christen-zijn, van ons katho­liek zijn, van een relatie met God: hoe rot het ook is, er blijft toch nog licht in de tunnel. Er is toch nog hoop, omdat er een God is die ons thuis brengt. Het gaat om relatie.

Bijna 45 jaar...

Deze bood­schap van hoop en vreugde, van toe­komst en Gods voor­zienig­heid, heb jij nu bijna 45 jaar lang als pries­ter mogen uitdragen en je hebt naast mensen mogen staan in hun verdriet, dat met hen uitge­hou­den, opdat ze de hoop en de moed niet zou­den verliezen, opdat ze naar die toe­komst zou­den blijven uitzien.

Maria

In deze laatste tijd heb je me vaker ge­spro­ken over het Maria­beeld bij je thuis, ik geloof: op het balkon. Het was een soort teken dat je thuis was. Ja, dat mogen we zeker wel zeggen: bij Maria zijn we thuis: zij was een heel gewone vrouw en tege­lijk zo trouw en sterk, altijd en in alles zag ze God aan het werk. Bij haar vin­den we troost en kracht. Dat zal zo ook in de toe­komst zijn: Maria gaat met je mee.

Dank!

Goed dat u allen vandaag geko­men bent. We vieren de Mis, dat heet ook Eucha­ris­tie, wat dankzeg­ging betekent: dank u, lieve Heer, voor het goede en het mooie dat u in het leven van pastoor Jan Berkhout en in ons leven hebt gedaan; en zegen pastoor Berkhout op zijn verdere weg!

Terug