Arsacal
button
button
button
button


Feest in Driehuis

Engelmunduskerk 125 jaar

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 7 april 2019 - 1050 woorden

Zondag 7 april werd in Driehuis het 125-jarig bestaan van de St. Engelmundus­kerk gevierd. Even feest­pro­gramma van vier dagen betrok het dorp en de scholen bij de vie­ring evenals de kerken van de regio. Zondag­och­tend was er een fees­te­lij­ke Eucha­ris­tie­vie­ring en ’s mid­dags een ‘korenlint’ waaraan allerlei koren uit de omge­ving mede­wer­king verlenen. Dat was nog op touw gezet door de dirigente van het koor die onlangs vrij plot­se­ling is overle­den.

Het was een fees­te­lijk gebeuren deze ochtend en het was een mooie gelegen­heid voor mij om te delen in de vreugde. Een ten­toon­stel­ling maakte de ge­schie­de­nis van het kerk­ge­bouw en de pa­ro­chie zicht­baar. De afgelopen dagen had­den de vrij­wil­li­gers drukke dagen gehad om alles in goede banen te laten lopen: de ope­ning van de fees­te­lijk­he­den door de burge­mees­ter, bezoeken van de ver­schil­lende scholen, een lezing enzo­voorts. Het Haar­lems Dagblad wijdde een groot artikel waarin de ver­bon­den­heid van de pa­ro­chie met de samen­le­ving tot uiting kwam. En dat is goed, al blijft de kerk na­tuur­lijk een aan de ere­dienst gewijd gebouw en zal men dus ook goed moeten kijken dat het gebruik ervan bij die doel­stel­ling past.

Na de Mis, waarbij pastoor dr. George Paimpillil con­ce­le­breerde samen met vica­ris Gerard Bruggink en kape­laan Julius Elferink, terwijl diaken John Versteeg assis­teerde, was er nog een gezellig samen­zijn met hapjes en drankjes.

Hieornder de homilie die ik bij deze gelegen­heid heb gehou­den.

 

Homilie

Proficiat!

Broeders en zusters, beste pastoor,
Aller­eerst wil ik U harte­lijk fe­li­ci­te­ren
met het 125-jarig bestaan
van uw mooie kerk,
die bij de bouw nog in de bloembollenvel­den stond.

Engelmundus

De heilige patroon van dit kerk­ge­bouw,
Abt Engelmundus
leefde in deze streek, als de overleve­ring klopt,
en was een mede­wer­ker van Sint Wil­li­brord,
met hem uit Engeland geko­men
om de blijde bood­schap van het evan­ge­lie te brengen,
maar zelf afkoms­tig uit een Fries geslacht.
Hier heeft hij geleefd,
hier heeft hij gewerkt,
hier is hij gestorven.

Gebed om vuur en zegen!

Vandaag wil ik bid­den op zijn voor­spraak
dat wij allen,
vuur mogen ont­van­gen,
bezieling en begeeste­ring
om ons in te zetten voor het evan­ge­lie;
dat we die bood­schap
in woord en daad mogen door­ge­ven,
na ons er zelf in verdiept te hebben
en eruit te leven.
Moge de goede God
U, deze kerk
en de pa­ro­chie van de heilige Fran­cis­cus,
in oprich­ting
zegen en leven schenken!

De overspelige vrouw

We hoor­den vandaag
het evan­ge­lie van de overspelige vrouw.
Zij wordt door Jezus bevrijd
uit een moei­lijke situatie:
priemende vingers, harde oor­de­len,
ie­der­een tegen haar.

Want sommige zon­den kunnen we ge­mak­ke­lijk
met de vinger aan­wij­zen:
als iemand een concrete misstap heeft begaan,
is het heel dui­de­lijk:
dat was fout.

De vrouw in het evan­ge­lie
is er een goed voor­beeld van:
zij is betrapt terwijl zij overspel bedreef.

Gemene intenties

Maar er zijn ook zon­den
die je niet zo ge­mak­ke­lijk ziet,
waar je niet zo precies
de vinger op kunt leggen.
Als iemand handelt of spreekt
met gemene, lelijke intenties
- mis­schien gepaard met een zoetgevooisd stem­ge­luid
maar zonder enig verlangen zich te bekeren,
dan kunnen we daar niet zo meteen
de vinger op leggen.
Niet elke zonde is aan­wijs­baar.

Perfecte mensen?

Toch zit er een hele lelijke fout
in die zo­ge­naamd perfecte mensen
die om de vrouw heen staan
en haar veroor­de­len.
De vrouw is de zwakke partij
- over de man met wie zij het overspel pleegde,
wordt niet meer ge­spro­ken -.
Het is goedkoop en ge­mak­ke­lijk
om je in haar zonde te verlus­tigen,
haar te verne­de­ren,
haar te veroor­de­len, geen nieuwe kans te geven
en er zelf als een heilige bij te gaan staan.

Nede­rig­heid

Het kan heel goed zijn
dat het tweede - die priemende vingers, die harde oor­de­len -
erger was dan het eerste:
Het overspel - hoe ver­keerd het ook was -
kan in een moment van zwakte zijn begaan
- de persoon was wellicht gegrepen
door passies en emoties -
en hope­lijk heeft zij spijt,
erkent zij nederig haar schuld
en wil zij herhaling vermij­den.

Zij zal gered wor­den omwille van haar nede­rig­heid,
maar wie zijn hart verhardt, hoog­har­tig is
en zonder liefde en medelij­den, zonder barm­har­tig­heid,
kan niet de hemel binnen gaan.
Alleen een berouw­vol en nederig hart kan binnen gaan.
De hemel heeft een laag poortje,
zoals de basiliek in Beth­le­hem:
je moet bukken om er binnen te gaan.

Een nieuwe kans

Jezus praat het overspel niet goed,
maar Hij geeft een nieuwe kans.

Geven wij anderen en ons­zelf een nieuwe kans
en zetten we stappen om het kwaad te vermij­den,
dan lijken we op Jezus;
geven we iemand geen nieuwe kans,
maar zijn we erop uit
iemand te brandmerken en vast te pinnen
op het kwaad dat die persoon gedaan heeft,
dan zijn we bezig als die mensen
die om de overspelige vrouw heen staan
en haar zonde aan het licht brengen,
haar te kijk zetten
en haar als het ware vast ketenen aan de fout
die zij heeft begaan.

Dat is erger

Een mens kan zwak zijn,
maar is daarom nog niet ver­keerd.
Een mens kan ook kiezen voor het kwade,
dan is zijn hart verhard;
die zonde is duizendmaal erger.

Daar ligt ook de reden waarom Jezus zegt
dat we niet moeten oor­de­len
om niet ge­oor­deeld te wor­den.
Dat niet oor­de­len betekent dat we dat kwade
niet in het licht moeten stellen,
iemand niet moeten vastspijkeren aan z’n misstap
en dat we - als anderen daardoor geen schade lij­den -
iemand een nieuwe kans moeten geven.

Binnen­kant

Het betekent ook
dat we niet moeten denken
dat alleen de aan­wijs­ba­re zon­den mee­tellen,
voor God telt ons nederig en liefde­vol hart en onze inzet
en uit­ein­delijk wordt alles en ie­der­een
door Hem ge­oor­deeld
die de binnen­kant van mensen ziet
en het is zeker dat wij nog verrast zullen staan,
want God oor­deelt anders dan wij,
juist omdat Hij ons hart kent.

Onze oor­de­len zijn vaak vooroor­de­len,
want wie van een afstand oor­deelt,
zonder de situatie en de mensen
van binnenuit te kennen,
heeft het vaak bij het ver­keerde eind.

Verwel­ko­men

Dat nodigt ons vandaag bij dit jubileum uit
om mensen bij onze ge­meen­schap te betrekken,
met mensen op weg te gaan, hen leren kennen
open te staan en verwel­ko­mend te zijn.
Ik wens Uw ge­meen­schap bij dit feest van harte toe,
dat U mensen zal kunnen verwel­ko­men en uit­no­di­gen
om mee die weg naar Jezus, naar de Vader te gaan
en daar vreugde in te vin­den,
want de bood­schap van het evan­ge­lie
is een bron van kracht en vreugde voor ons leven..
Die kracht en zegen wens ik U op deze feest­dag van harte toe!


Fotoserie

Klik op een foto voor een uitvergroting.
Terug