Arsacal
button
button
button
button


Het verschil tussen Eucharistie en Woord- en Communieviering

Witte Donderdag

Overweging Preek - gepubliceerd: donderdag, 2 april 2015 - 854 woorden
Na de viering in Driehuis werd het altaar ontbloot
Na de viering in Driehuis werd het altaar ontbloot

In de heilige Engelmundus­kerk in Driehuis heb ik de Witte Donder­dag­plech­tig­heid mogen vieren. Witte Donder­dag is de dag van de in­stel­ling van de heilige Eucha­ris­tie en het pries­ter­schap en van de voet­was­sing. Een gelegen­heid om in te gaan op de bete­ke­nis van de Eucha­ris­tie­vie­ring voor onze spiri­tua­li­teit en waar Eucha­ris­tie vieren méér of anders is dan de heilige communie ont­van­gen.

Homilie

Blijft dit doen...

Broeders en zusters,
Vanavond vieren we een bij­zon­der moment,
want het Laatste Avondmaal van Jezus
is niet zomaar iets,
het is de kern van ons geloof,
hier wordt ons geleerd wie God is
en wat onze opdracht in het leven is.
Jezus doet van­avond twee dingen,
die nauw met elkaar samen­han­gen
en waarbij Hij ons twee keer dezelfde opdracht geeft:
doe dit tot Mijn ge­dach­te­nis,
jullie moeten doen,
zoals ik heb voor­ge­daan.
Het eerste wat Jezus doet
is de in­stel­ling van de heilige Eucha­ris­tie.
Het tweede wat Jezus doet
is de voeten van Zijn leer­lin­gen wassen.

Offer en zelfgave

Die in­stel­ling van de Eucha­ris­tie
tij­dens het Laatste Avondmaal
was een heel be­lang­rijk moment:
Jezus maakt dui­de­lijk aan Zijn leer­lin­gen
dat de dood die Hij
de dag erna zal onder­gaan aan het kruis,
niet zomaar de dood van een mis­da­diger zal zijn,
niet zomaar een verwerpe­lijke slaven­dood,
maar Hij geeft zich­zelf voor alle mensen:
“Dit is mijn lichaam voor U,
deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed”,
hoor­den we met de woor­den van Paulus
in de tweede lezing.
Jezus maakt zich tot een slaaf, tot een mis­da­diger
om uit liefde te sterven voor de mensen.
Dat moeten we blijven vieren,
dat moeten we blijven gedenken,
dat is de geest
waar­van we zelf doordrenkt moeten zijn.

“Blijft dit doen
om Mij te gedenken”.

Is een Woord- en communie­vie­ring niet goed genoeg?

Soms denken mensen:
Is een Woord- en communie­vie­ring
dan niet even goed als een Eucha­ris­tie?
Je hoort toch het Woord van God
en je ont­vangt toch de heilige communie,
het Lichaam van de Heer?
Dat is na­tuur­lijk al heel mooi,
maar de kern van ons geloof
is toch de vie­ring van de verlos­sing,
van het lij­den, sterven en verrijzen van de Heer,
en dat doen we in de heilige Eucha­ris­tie:
God heeft ons zo lief
dat Hij een mens werd
en als mens voor ons
Zijn leven heeft gegeven.

Dat is iets moois
iets om blij en dank­baar van te wor­den
en dat ons inspireert tot een bepaalde levens­hou­ding:
om te geven,
meer dan te nemen;
om ook offers te brengen
als dat zo moet zijn
en niet alleen maar alles naar jezelf toe te trekken;
om los te durven laten
en niet alleen maar alles in de greep te willen hou­den,
alles te willen controleren.

Vroeger kwamen dan ook veel mensen
wel naar de kerk, naar de Mis
maar ze gingen daarbij vaak uit een zekere eerbied
niet ter communie.
De ouderen onder U weten dat nog wel.
Hun zon­dags­vie­ring was om zo te zeggen
meer dan op het com­mu­ni­ce­ren,
gericht op
het vieren van het offer van de Heer,
Zijn lij­den, sterven en verrijzen,
onze verlos­sing.
En daar zat wel iets in,
want het be­lang­rijk­ste is
dat wij ons een geest eigen maken,
de Geest die Jezus bezielde,
toen Hij Zijn leven
uit liefde voor ons gaf,
een geest van eenvoud,
van nede­rig­heid en offerbereid­heid,
niet op ons­zelf gericht,
maar gevend.

voet­was­sing

Het tweede wat Jezus doet
is dus het wassen van de voeten van de apos­te­len.
Het wassen van de voeten
was een slaven­werkje.
Toen Jezus eens op bezoek was gegaan
bij een be­lang­rijke Fari­zeeër
was dat voeten wassen niet gebeurd:
daar was die be­lang­rijke man te goed voor geweest,
dat was ver bene­den zijn stand.
Maar Jezus knielt neer
in Zijn onderkleed.
Zijn mooie bovenkleren had Hij afgedaan.
Zijn apos­te­len noem­den Hem Heer en Meester,
maar nu knielde Hij daar
in alle eenvoud neer,
alsof hij de minste was van allemaal.

En weer zegt Hij ons dat dit een voor­beeld is,
opdat wij zullen doen,
zoals Hij heeft gedaan.
Dat betekent niet per se
dat wij bij al onze gasten
de voeten moeten wassen,
maar wel dat we niet zo
op positie en eer moeten uit zijn,
bereid moeten zijn om te dienen,
om dienst­baar te zijn,
dat we niet
voor steeds groter, sterker, rijker, mach­tiger
moeten gaan,
maar voor de kleine, de zwakke, de arme en de machte­loze
moeten kiezen.
Vraag niet: Wat kan ik pakken?
Maar: wat kan ik geven?

Ja, deze laatste avond
van het aardse leven van Jezus
is één grote oproep
om niet voor ons­zelf te leven,
niet om te nemen,
maar om te geven;
wie geeft wordt rijker,
wie neemt wordt armer,
dat is de paradox van ons chris­te­lijk geloof.

Hem volgen...

De Heer geeft zich tot het uiterste.
Aan het eind van deze vie­ring
volgen we Hem in de geest
terwijl Hij de zaal van het avondmaal verlaat
en op weg gaat naar de Hof van Olijven.
Daar begint Zijn lij­densuur.
Het wordt sym­bo­li­sch aangeduid
doordat we het heilig Sacra­ment weg­bren­gen
naar het rustaltaar
en we wor­den uit­ge­no­digd
om daar nog even te bid­den
zoals Jezus dat in de Hof van Olijven
aan Zijn leer­lin­gen vroeg.

Van harte wens ik U mooie, goede dagen
in dit paas­tri­duüm,
dat die U mogen helpen
om steeds meer te leven
vanuit de Geest
die Jezus bezielde.
Amen.

Terug