Arsacal
button
button
button
button


De biecht is geen martelkamer of sinaasappelpers

heilig jaar van de barmhartigheid

Overweging Bezinning - gepubliceerd: vrijdag, 19 februari 2016 - 1051 woorden
Samen met pastoor A. Hendriks
Samen met pastoor A. Hendriks
genadekapel in Heiloo
genadekapel in Heiloo
wereldjongerendagen: Gods vergeving ervaren
wereldjongerendagen: Gods vergeving ervaren

Veel mensen ervaren het als nogal een stap om (weer) te gaan biechten. Dat is te begrijpen. Bij sommige mensen leidde dat tot afweer en afkeer, maar bij veel mensen speelt het toch wel door het hoofd om de stap te zetten. We merken dat het Jaar van Barm­har­tig­heid daarbij een hulp is: ik hoor dat bij de heilige deuren in Heiloo en de basiliek in Am­ster­dam het aantal biech­telingen flink is toe­ge­no­men. In het pa­ro­chie­blad De Wijzer van de pa­ro­chies van Haar­lem Oost (Jozef, Johannes de Doper, Pastoor van Ars) trof ik een artikel van de pastoor, dr. A.J.M. Hendriks, dat ik U in dit ver­band niet wil ont­hou­den.

“Het Sacra­ment van Gods barm­har­tig­heid, juist in dit heilig jaar.”

door pastoor Hendriks

Enige tijd gele­den zei iemand tegen mij: “U spreekt nu regel­ma­tig over de biecht. Mis­schien moet u er toch eerst wat meer toelich­ting bij geven”. Daartoe wil ik hier nu een poging wagen.

Doorgeefluik

Ik was nog maar een paar dagen pries­ter, toen de bel van mijn biecht­stoel ging. Ietwat zenuwach­tig ging ik naar de kerk. In de bank knielde iemand die ik heel goed kende. “Ik wil u helpen bij de eerste start”, was de korte ver­kla­ring. Ik vond dat heel edel­moe­dig en in stilte vroeg ik me af hoe het zou zijn om nu voor de eerste keer aan de andere kant, die van de pries­ter, plaats te nemen. Er gebeurde toen iets wat me sindsdien altijd is over­ko­men. Ik had sterk het gevoel, dat ik vooral een doorgeefluik was. De persoon in kwestie, die ik zo goed kende, had het niet zozeer tegen mij, maar gebruikte mij om in feite tegen Christus te spreken. Wat ik terugzei, leek ook van buitenaf te komen en werd me als het ware inge­ge­ven. In de dagen daarna kon ik de bewuste persoon weer tegen­ko­men, zonder aan de inhoud van de belij­denis terug te denken. Het was, alsof er een tijdslot was aan­ge­bracht. De belij­denis was niet voor mij bestemd. Pas als dezelfde peni­tent er was voor een volgende biecht, dan was ook de her­in­ne­ring aan de belij­denis er weer, zodat ik hem/haar kon helpen bij verdere groei in geloofs­be­le­ving en in de strijd tegen fouten en zon­den.

Zijn aanwe­zig­heid

Ik maak sindsdien bij voor­ko­mende gelegen­he­den geen geheim van deze bij­zon­dere erva­ring. Zo voel ik de dui­de­lijke aanwe­zig­heid van Christus bij de bedie­ning van dit Sacra­ment en zo helpt Hij mij bij het bewaren van het biechtgeheim.

Ook ik heb het nodig

Ik heb zelf veel aan dit Sacra­ment gehad en ik geef ook toe, dat ik het nodig heb. Tege­lijk ben ik dank­baar, dat ik zoveel biecht heb mogen horen en dat ik op verschei­dene stand­plaatsen en bede­vaartsoor­den ondervon­den heb, dat heel wat mensen, net als ik, in dit Sacra­ment veel kracht, bemoe­diging en in­spi­ra­tie vin­den.

Afscheid van de biecht?

De praktijk van de devotie­biecht heeft in het verle­den moge­lijk voor een zekere uitholling gezorgd. Een maand is gauw om en ben je dan alweer in de stem­ming voor een echte beke­ring? Hoe ga je ermee om, dat sommige eigen­schappen of valkuilen zich in je leven nestelen en min of meer bij je lijken te horen? Onder­vin­den we niet de invloed van onze samen­le­ving, die het besef van eigen falen of van zon­dig­heid lijkt weg te verklaren? Vormt de per­soon­lijke beperkt­heid van de pries­ter geen hindernis om bij hem over eigen schuld te spreken? Zijn we zelfs ooit afgewezen?

Voor veel mensen hebben over­we­gingen als bo­ven­staande hen beves­tigd in het afscheid van het biecht­sa­cra­ment.

Nieuwe open­heid

Ander­zijds ervaren juist veel jonge mensen op een on­ver­wachte manier de kans en de rijkdom om zich uit te spreken voor God. De Wereld­jon­ge­ren­da­gen en de dio­ce­sane ini­tia­tie­ven hebben voor een nieuwe en onbe­vangen open­heid gezorgd. Het accent is minder komen te liggen op bepaalde daden of nala­tig­he­den, maar meer op de eigen persoon en de eigen­schappen die iemand heeft.

Be­vrij­ding

Voor met name de jonge mensen is er sterker het bevrij­dende gevoel van het vieren van de verlos­sing dan de bedrei­ging van de pries­ter­lijke recht­spraak en veroor­de­ling. Zij hebben al heel gauw in de gaten, dat een biecht­stoel geen mar­tel­ka­mer is en dat de pries­ter hen niet als met een sinaasappelpers uitknijpt. In ruil voor de schroom die een belij­denis soms kost, staat het gevoel van opluch­ting en be­vrij­ding om opnieuw te mogen beginnen. We zetten als het ware ons vuilnis buiten neer, maar halen daarna niet de lege kliko binnen, maar een vat gevuld met kracht van God en met moed tot nieuw begin of verdere volhar­ding. En dat is een goede ruil.

De paus gaat ook...

Paus Fran­cis­cus heeft een heilig Jaar van Barm­har­tig­heid uit­ge­roe­pen. Daarbij speelt het biecht­sa­cra­ment een grote rol. Hij spreekt er veel­vul­dig over en gaf het goede voor­beeld door, voor aller ogen, zelf te gaan biechten in de Vati­caanse basiliek. We kennen in onze pa­ro­chies gelukkig vaste tij­den om te biechten (zater­dag om 12.45 u in de Sint Joseph en om 16.00 u in de H. Pastoor van Ars; bovendien rond de grote feesten). Daarenboven is er nog de moge­lijk­heid van het maken van een afspraak: rede­lijker­wijs altijd op verzoek.

De moed bestaat in het vastpakken van de deur­klink

Als het al wat langer gele­den is, of als het de eerste keer is, kan en zal de pries­ter helpen om (weer) wat erva­ring op te doen. De moed bestaat in het vastpakken van de deur­klink. Maar ik heb ook erva­ring opgedaan met biecht horen bij mensen thuis, tij­dens een wan­de­ling of in een gepar­keerde auto. Of met een absolutie aan het eind van een gesprek, dat aan­vanke­lijk helemaal niet als een biecht bedoeld was, maar dat zich wel gaandeweg als zodanig ont­wik­kelde. Volgens mij kunnen we best crea­tief zijn in de vorm­ge­ving, al blijf ik ook veel waarde hechten aan de zekere beschut­ting en anonimi­teit van de biecht­stoel.

'The proof of the pud­ding is in the eating'. Probeer het (weer) eens en mis­schien krijgt u ook de smaak (weer) te pakken. Als pa­ro­chi­anen kunnen we elkaar erbij helpen. Kom op, dus!

Pastoor Hendriks

is pas­to­raal theoloog en ere kanun­nik van het bisdom Haar­lem-Am­ster­dam. Hij was bis­schop­pe­lijk vica­ris, docent aan het groot-semi­na­rie van het bisdom en is lid van de Inter­na­tio­nale Raad voor de Catechese van de H. Stoel

Terug