Arsacal
button
button
button
button


Bezoek aan het St. Liobaklooster in Egmond

Schoonheid leidt tot God

Overweging Preek - gepubliceerd: dinsdag, 14 augustus 2012 - 886 woorden
Wandkleed van de stichteres van Lioba:
Wandkleed van de stichteres van Lioba:

Op 14 au­gus­tus bracht ik ook een bezoek aan het St. Lioba klooster in Egmond gebracht. Na een gesprek met de overste, zr. Emmanuele, en zr Karin, werd ik rondgeleid. De zusters leggen zich toe op kunstambacht: zij weven stoffen en maken handgeweven kazuifels, wandkle­den en andere voorwerpen, zij hebben een potten­bak­ke­rij en een steen­hou­werij waar zij allerlei mooie dingen maken. In de kunst drukken de zusters hun geloof uit en door het maken van kunst wordt hun eigen geloof weer gevoed.

Het was een Duitse vrouw, Hildegard Michaelis, die katho­liek werd en deze monas­tieke ge­meen­schap stichtte die neven­stich­tingen heeft in Frank­rijk (Strasbourg en Simiane-Collongue) en in Zwitserland (Orselina). Na het werk van de zusters te hebben bewonderd, vierde ik met hen de vespers en de heilige Eucha­ris­tie, waarbij ik de navolgende preek hield (die niet helemaal aangepast was, want de liturgie was na­tuur­lijk al van de voor­avond van Maria Ten­hemel­op­ne­ming).

homilie

Vandaag krijgen we door de woor­den van het evan­ge­lie te maken met een van de grote centrale gegevens van ons geloof; iets wat we geloof ik echt wel “een geloofsgeheim” mogen noemen, omdat het zo spe­ci­fiek eigen is aan ons chris­te­lijk geloof en zo centraal staat in onze geloofs­be­le­ving: het geheim van onze verlos­sing gaat over God, de aller­hoog­ste, de allergrootste, de Heer van hemel en aarde, die zich klein maakt, een klein en weerloos mensen­kind wordt, ja, een mis­da­diger in de ogen van mensen, een ver­wor­pene, een arme, de minste van ons allen.

Die weg van de diepste vernede­ring is de weg gewor­den waarlangs God ons mensen heeft willen verlossen, die in de greep zijn van die angel van de erfzonde die in ons vlees zit, die angel van de hoogmoed, het groot willen zijn, het willen heersen over anderen, het beter willen zijn, willen stralen, erkend willen wor­den, enzo­voorts.

Een angel, een verlangen dat overigens weer alles te maken heeft met onze men­se­lijke onzeker­heid dat we niet goed genoeg zijn, dat we niet aanvaard zijn, dat we er niet mogen zijn zoals we zijn, dat we niet van waarde zijn.

Het ant­woord op deze nood, dat Jezus ons vandaag in het evan­ge­lie geeft is niet dat we ons gevoel van niet goed te zijn, van te gering te zijn moeten overschreeuwen door ons­zelf aan onze verworven­he­den en positie vast te klampen of door maar steeds erken­ning en waar­de­ring te zoeken of een positie en macht, maar dat we met Jezus zelf onze klein­heid, onze gering­heid van harte mogen aan­vaar­den en lief­heb­ben, dat Hijzelf zo mét ons heeft willen wor­den en dat Hij je juist in je verloren lopen, in je niet-goed-genoeg zijn, heeft willen komen opzoeken.

“Wie zich­zelf gering acht als dit kind, is de grootste in het rijk der hemelen” “Zo wil uw hemelse Vader niet dat een van deze kleinen verloren gaat”. Voor Islamieten is het een gruwel dat we God Vader noemen. God is de totaal verhevene, de totaal andere en dat woord “Vader” klinkt hen zelfs blasfe­misch in de oren.

Na­tuur­lijk komt dat ook omdat ze het moei­lijk kunnen begrijpen en geneigd zijn het in een seksuele zin te verstaan. Maar voor ons is het juist een teken van de onein­dige barm­har­tig­heid van God - die ook in de Islam bele­den wordt - en van Zijn liefde voor het kleine en zwakke.

De mar­te­la­ren zijn de getuigen tot het uiterste toe van deze chris­te­lijke gedachte dat het jezelf in liefde geven, je opofferen, je dus in feite uit liefde klein en gering maken, je weg­cij­feren, dat dat goed is: je hoeft je niet groot te maken, je hoeft het niet naar jezelf toe te halen, je bent al aanvaard, je bent al verlost, je bent al bemind en je bent al opgeno­men in de eeuwige liefde van God.

Je mag alles loslaten, om je helemaal over te geven aan Hem, omdat je altijd in Hem geborgen bent, zelfs, nee: juist als het moment geko­men is dat je moet sterven. de heilige van vandaag is daar­van een gewel­dig voor­beeld: Maxi­mi­liaan Kolbe bood zich aan om de plaats in te nemen van een jonge huis­va­der met een gezin en ter dood ver­oor­deeld te wor­den in het con­cen­tratie­kamp Ausch­witz.

Hij koos voor een gruwe­lijke en langzame dood. Hier was de hel­denmoed voor nodig om zich totaal te kunnen geven, zich­zelf weg te cijferen, klein te wor­den. Voor ons een in­spi­re­rend voor­beeld om soms wat meer te verdragen, de minste te willen zijn, uit liefde jezelf te geven, af te zien van een betere plaats voor jezelf, ont­van­gend te leven en zelf weer aan­dacht te hebben voor de kleinen, de geringen, de kin­de­ren.

U hebt Uw roe­ping volgend ervoor gekozen om zo’n weg te gaan. Vita consacrata wordt het reli­gi­euze leven genoemd: gewijd, toegewijd leven; het wil zeggen dat U uw leven uit han­den hebt gegeven en in de drie geloften dat wat een mens groot maakt, naar groot­heid doet streven, hebt willen afleggen: de armoede, de zuiver­heid en de ge­hoor­zaam­heid scharen U precies onder die kleinen, de anawim, die de grootsten zijn in het ko­nink­rijk Gods.

Dus: omarm Uw geloften, maak ze steeds opnieuw tot uitgangs­punt van Uw leven, uw hou­ding, Uw zijn, zodat alles mag zijn tot eer van die God die ons mens-zijn nedrig heeft willen delen. AMEN.

Terug