Arsacal
button
button
button
button


Heilig Vormsel in de St. Agneskerk in Amsterdam

Stel je eeuwig heil voorop

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 16 november 2025 - 1233 woorden
met een deel van de vormelingen
met een deel van de vormelingen
Heilig Vormsel in de St. Agneskerk in Amsterdam
Heilig Vormsel in de St. Agneskerk in Amsterdam

Zondag 16 no­vem­ber was ik in de Sint Agnes­kerk in Am­ster­dam voor de toedie­ning van het heilig Vormsel in de Tri­den­tijnse ritus. De Sint Agnes­kerk is toe­ver­trouwd aan de broe­der­schap van de heilige Petrus (FSSP). We leven niet uit eigen kracht en heel het leven is een gave. "Heer, leg Uw hand op mij en ik zal leven".

Vormsel

Er waren dit jaar 25 vor­me­lin­gen, de meesten van hen jon­ge­ren boven acht­tien jaar, een paar jonge tieners en één oudere van - ik meen - 78 jaar. In de Tri­den­tijnse vorm is het heilig vormsel buiten de Mis, in dit geval voor­af­gaand aan de zon­dagse hoog­mis die werd gece­le­breerd door pater Andrzej Komorowski, de vroe­gere generale overste die nu alge­meen econoom is. Daarbij heb ik ponti­fi­cale assis­tentie verleend. De bij­gaande foto's geven een indruk van de plech­tig­heid.

Afscheid

Volgende week neemt pater Peter Hagenbeek afscheid van de St. Agnes­kerk. Hij gaat naar Lobith waar de Pries­ter­broe­der­schap een kerk heeft geopend, waar­mee die voor­ma­lige paro­chie­kerk weer aan de ere­dienst wordt toegewijd. We wensen hem veel zegen toe voor zijn nieuwe opdracht.
De heilige Mis en het vormsel wer­den door veel gelo­vi­gen bijgewoond, ook al duurt deze plech­tig­heid tame­lijk lang. Dat is een mooi teken van be­trok­ken­heid bij de medepa­ro­chi­anen die dit be­lang­rijke sacra­ment ont­vingen.

Ont­moe­ting

Na afloop van de Hoog­mis was er een drukke en gezel­lige ont­moe­ting in de pastorie, het Sint Boni­fa­tiushuis, met hapjes en drankjes ter ere van de de vijfen­twin­tig nieuw-gevorm­den. Het was een goede gelegen­heid om veel pa­ro­chi­anen van Sint Agnes­kerk, of eigen­lijk: van de Sint Joseph pa­ro­chie voor de gelo­vi­gen die de Tri­den­tijnse ritus zijn toe­ge­daan, te ont­moe­ten. Van harte wens ik hen allen proficiat!

Heer, leg Uw hand op mij...

23E ZONDAG NA PINKSTEREN - H. VORMSEL . HOMILIE


“Domine...veni, impone manum tuam super eam et vivet”
Heer, kom, leg haar Uw hand op en zij zal leven.

In de naam van de Vader...

Beminde gelo­vi­gen, dier­ba­re vor­me­lin­gen,

Leg Uw hand op mijn leven

De woor­den die de overste van de synagoge tot Jezus heeft ge­spro­ken, hebben wij­zelf ook wel in onze mond geno­men bij tal van gelegen­he­den: “Heer, leg Uw hand op mij en ik zal leven”. Met deze woor­den spreken we de diepe over­tui­ging uit dat wij slechts armzalige schepselen zijn, dat wij ons lot niet in han­den hebben, dat wij het voort­du­rend en uit­slui­tend alleen aan Hem te danken hebben dat wij mogen leven, dat wij het leven ont­van­gen.

Het aardse leven...

Dat is al zo voor wat betreft het na­tuur­lijk leven: gij kent dag noch uur, het hangt niet van ons af of wij morgen nog zullen leven. Het leven is een geschenk. Daarom verzet het katho­lieke geloof zich zozeer tegen eutha­na­sie. Je mag het leven niet in eigen hand nemen. Je bent ge­roe­pen het leven te erkennen en te ont­van­gen als een geschenk.

Vertwijfeling

En als je pijn of vertwijfeling voelt, is je roe­ping om vanuit die afgrond waarin je dan zit, te roepen tot de Heer en te smeken dat Hij je de hand zal opleggen en dat je zult leven, zoals de overste doet in het evan­ge­lie en zoals die bloed­vloei­ende vrouw doet die al twaalf jaar lijdt en de Heer toch met een enorm ver­trouwen bena­dert: al kan ik slechts de zoom van Zijn kleed aanraken, dan zal ik al gered wor­den”.

Gees­te­lij­ke gene­zing

De gene­zing van het dochtertje van de overste en van de bloed­vloei­ende vrouw betreffen echter niet alleen de licha­me­lijke gene­zing. Die is een teken van de gees­te­lij­ke gene­zing, van de ver­rij­ze­nis en het eeuwig leven dat de Heer ons geeft, zoals tot uiting komt in de woor­den die wor­den gebruikt: “salva ero”, zegt de vrouw: ik zal wor­den gered; en Jezus zegt haar: “Fides tua te salvam fecit”, “Je geloof heeft je gered” en als het meisje wordt genezen, staat er “surrexit puella”, het meisje is opgestaan, je zou zeggen: verrezen tot nieuw leven.

In het licht van de verlos­sing

De gene­zingen die Jezus verricht, plaatsen onze licha­me­lijke situatie dus als het ware in het licht van de verlos­sing. De woor­den van het evan­ge­lie geven ons aan: eigen­lijk gaat het om je eeuwige verlos­sing, je uit­ein­delijke red­ding, niet aller­eerst om je licha­me­lijke kwalen, hoe­zeer Jezus daarin ook ver­lich­ting wilde brengen door zovele zieken te genezen. Denk aller­eerst aan je eeuwig heil.

Voor- en te­gen­spoed

En ver­der: maak je het goed? Heb je nieuw uit­zicht, nieuw leven? Ontvang het als een genade en een vooruit­grij­pen op het eeuwig leven en het toe­koms­tig geluk dat God in Zijn goed­heid je eens wil schenken. Gaat het niet goed, is het leven een last, ga je onder lij­den gebukt? Probeer het tot een offer te maken. Verbindt het gees­te­lijk met het kruis en het verlossend lij­den van onze Heer Jezus Christus!

H. Liduina

Grote heiligen zijn ons daarin voor­ge­gaan, zoals bij­voor­beeld onze Neder­landse heilige Lidwina, de maagd van Schie­dam, die als meisje door een simpele val op het ijs bij het schaatsen een levenslang vre­se­lijk lij­den tegemoet ging. Zij was een heilige die vre­se­lijk wor­stelde met haar ziek zijn, maar tenslotte met hulp van een goede biecht­va­der en gees­te­lijk leidsman tot overgave kwam en tot die verbin­ding met het kruis van Jezus Christus. Toen vond zij bete­ke­nis en geluk in haar ziekte en zij wilde God niet meer om haar licha­me­lijke gene­zing vragen, zelfs niet als zij die kon bereiken door één Wees Gegroetje.

Ik zal leven

Na­tuur­lijk is dat bepaald geen ge­mak­ke­lijke weg, maar die weg van de heilige Lidwina stelt ons wel de vraag: Waar ga je voor? Waar leef je voor?
Vraag in alle omstan­dig­he­den: “Heer, leg Uw hand op mij en ik zal leven”.

Doopsel en vormsel

Dat leven in Christus hebben we fun­da­men­teel ont­van­gen in het heilig doopsel. Het is goed God regel­ma­tig te danken voor de grote gave van het doopsel die je op bij­zon­dere wijze heeft gemaakt tot Zijn geliefd kind, terwijl het heilig vormsel ons sterkt om bij alle beko­ringen die op ons afkomen, waar­on­der we ook de ont­moe­di­ging en vertwijfeling rekenen, om dan steeds de goede strijd te kunnen strij­den, om niet te wan­de­len, zoals sint Paulus schreef in het epistel, als een vijand van het kruis van Jezus Christus.

Vijand van het kruis

Wat maakt je tot een vijand van Christus’ kruis? Als je alles wat onpret­tig is ver van je af gooit. Als je uit­ein­delijk alleen zoekt wat lekker en leuk is. Paulus zegt over die mensen dat hun buik hun God is en dat zij op het aardse gericht zijn. Dat is de verlei­ding die dage­lijks op ons af komt.

Uw hand...

Het is zeker dat wij die strijd niet kunnen winnen uit eigen kracht. Daarom moeten we bid­den met die overste van de synagoge: “Heer, leg Uw hand op mij en ik zal leven”. Dat is gebeurd in het heilig vormsel, dat jullie, beste vor­me­lin­gen, vandaag hebben ont­van­gen. De Heer zelf heeft Zijn hand op jullie leven gelegd, Hij heeft jullie gezalfd en aan­geraakt om de goede strijd te kunnen voeren, om te kunnen leven in de kracht van de heilige Geest, om op te staan als je neerligt en gevallen bent, om altijd door te gaan met moed en ver­trouwen, om een getuige van Christus te zijn.

Geloofd zij Jezes Christus!

In de Naam van de Vader...

post deze webpagina op: Facebook X / Twitter

Fotoserie

Klik op een foto voor een uitvergroting.
Terug