Arsacal
button
button
button
button


Soldaten, hogepriesters, Judas: kunnen die gered worden?

Hosanna, verraad en lafheid op de kruisweg van Jezus

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 29 maart 2026 - 703 woorden

Op palm­zon­dag vier­den we de heilige Eucha­ris­tie in de ka­the­drale basiliek van Sint Bavo in Haar­lem. In het lij­dens­ver­haal ont­moe­ten we allerlei mensen, velen van hen zwak of ronduit slecht. Konden zij nog gered wor­den? We ston­den erbij stil in de homilie na het lij­dens­ver­haal volgens Matteüs.

De Eucha­ris­tievierng is nog te zien op ka­the­draal tv: Heilige Mis - Zondag 29 maart - Palm- en passie­zon­dag De Schola canotrum en de schola puerorum ac puellarum (groep 4,5 en 6) hebben gezon­gen onder lei­ding van dr. Laine Tabora en Ingrid van Herk MSc. Mmus.

HET HOSANNA WERD TOT "KRUISIG HEM"

PALMZONDAG

De hon­derdman en de wachters

“Waar­lijk, Hij was Gods Zoon”.
Met die woor­den rea­geer­den de hon­derdman
en de wachters bij het kruis,
op de dood van de Heer,
onder de indruk van de tekenen
die rond Zijn dood gebeur­den,
een aard­be­ving, graven die zich open­den.
Één van die soldaten,
Longinus was volgens de traditie zijn naam,
de soldaat die de zijde van Jezus
met een lans had doorstoken,
wordt zelfs als heilige vereerd
en zijn beeld staat prominent in de Sint Pieter in Rome.

Zij had­den mee­ge­werkt

Maar dit waren wél de mensen, die soldaten,
die aan de veroor­de­ling van Jezus
had­den mee­ge­werkt.
Die soldaten waren er temid­den van de spotters
toen hij geslagen werd met een rietstok,
toen Hij werd uitgekleed en een doornen­kroon op kreeg;
ze had­den Hem op Zijn kruis­weg begeleid,
Zijn kleren ver­deeld, Hem gegeseld
en aan het zware kruis gespijkerd.
Bij de kruis­dood van Jezus
kwamen zij dus tot een begin van geloof
en tot beke­ring, zo getuigt het evan­ge­lie:
“Waar­lijk, Hij was Gods Zoon”.

Ook voor hen

Dit is een teken, ook voor ons:
Jezus Christus is gestorven voor de zon­daars,
ook voor die soldaten;
al heb je kwaad gedaan, veel kwaad mis­schien,
er is ver­ge­ving moge­lijk
en een nieuw begin.

Kin­de­ren en geweld

Dezer dagen was het in het nieuws:
driekwart van de kin­de­ren, 75%,
heeft te maken gehad met geweld.
Het kan gaan om schoppen of slaan,
bedrei­gingen, pesten of stalken
of om nog ingrijpen­der zaken
als mis­bruik en hui­se­lijk geweld.

De pesters en treite­raars van toen

Stel dat je als vol­was­se­ne
de pesters en treite­raars van toen
weer zou ont­moe­ten:
som­mi­gen zullen zich niet rea­li­se­ren
wat ze anderen hebben aan­ge­daan,
anderen zullen zich schamen voor hun pest­ge­drag,
weinigen zullen er met trots op terug­kij­ken,
mag ik hopen.
Allen moeten zich bekeren
en proberen goed te maken wat ver­keerd ging.
Allen krijgen ze dan een nieuwe kans
en ze kunnen alsnog heiligen wor­den,
zoals Longinus,
als zij standvas­tig hun leven ver­an­de­ren.

Verra­ders, looche­naars, beschimpers

Na­tuur­lijk, de soldaten ston­den vooraan
om de Heer met geweld te dwingen,
maar er waren zoveel anderen,
die ook niet zo trots kunnen zijn
op zich­zelf:
we kwamen Petrus tegen, die Hem verloochende,
glashard zei dat hij niets met Jezus te maken had,
we zagen Judas die Hem verraadde,
Pilatus die zijn han­den in onschuld waste
maar Jezus ter dood ver­oor­deelde,
hoewel hij geen schuld in Hem zag;
er waren de rovers die naast Hem hingen
en Jezus beschimpten;
er waren de hoge­pries­ters
die vals tegen Jezus getuig­den.

Je zonde bij Jezus brengen

Maar voor al die mensen was er ook een nieuwe kans,
ze zou­den ver­ge­ving kunnen krijgen,
want Jezus kwam voor de zon­daars.
Som­mi­gen bleven onverzette­lijk
in hun afkeer van Jezus;
Judas kreeg wel spijt van wat hij had gedaan,
hij zag dat hij gezon­digd had,
maar wanhoop bepaalde zijn leven;
hij hing zich­zelf op, maakte een einde aan zijn leven.
Was hij maar met Jezus in gesprek gegaan,
had hij zijn zonde maar bij Jezus gebracht,
dan was er hoop geweest, ook voor hem.
Judas’ leven is een bood­schap, ook voor ons:
Wanhoop niet, nooit,
sta op, ga door,
geloof niet in het zwarte gat als je toe­komst,
je mag ver­trouwen in het licht en het leven.

Palm­tak­ken

Aan het begin van deze Palm­zon­dag,
ston­den we stil bij de mensen
die Jezus met hun palm­tak­ken toejuichten.
Laten we daarbij blijven,
Hem met palm­tak­ken toejuichen.
Dat hoeven niet let­ter­lijk palm­tak­ken te zijn,
onze palm­tak­ken zijn de goede daden
en de gebe­den van ons hart;
ook onze nede­rig­heid hoort daarbij
waar­mee we steeds weer
opnieuw willen beginnen
en erkennen dat wij het niet zelf kunnen.
Want we leven van Gods barm­har­tig­heid
die door de dood van Jezus
over ons is geko­men.

post deze webpagina op: Facebook X / Twitter
Terug