Arsacal
button
button
button


Onze wereld: een mengeling van goed en kwaad....

Tarwe en onkruid

overweging_preek - gepubliceerd: zondag, 20 juli 2014
Onze wereld: een mengeling van goed en kwaad....

Voor de zestiende zondag door het jaar was ik in de kathedrale basiliek van Sint Bavo waar een bijzondere Heilige Mis werd gevierd ter gedachtenis aan de slachtoffers van de vliegramp en hun nabestaanden (zie ook volgend bericht). Het evangelie ging over het goede zaad en over het onkruid dat er tussen is gezaaid maar dat wij met voorzichtigheid moeten benaderen: niet zomaar gaan rukken en trekken, anders loopt het niet goed af. Dat geldt voor alle kwaad in de wereld. We zijn geneigd tot een heftige emotionele reactie, maar voorzichtigheid en prudentie zijn geboden....

Hieronder de preek die ik bij deze gelegenheid heb gehouden.

Homilie

We hebben aan het begin van de viering
de slachtoffers van de vliegramp herdacht
die nu zo plotseling
voor de poort van de hemel zijn komen te staan.
Het is bijna altijd verdrietig en pijnlijk
als iemand ons door de dood verlaat,
maar soms kunnen we er toch vrede mee hebben,
bij­voor­beeld doordat we goed afscheid hebben kunnen nemen,
Dat is hier allemaal niet mogelijk geweest.
Nu gaan de gedachten van nabestaanden
uit naar de overledenen,
naar hun leven, wie zij waren.
Dat nemen deze mensen, die slachtoffer geworden zijn,
mee op hun laatste reis:
Die vrouw of die man die nu ineens is weggerukt,
staat aan de hemeldeur:
als de persoon die zij of hij was,
met zijn of haar goedheid en hartelijkheid,
met alle mooie eigen­schappen,
de rijkdom van z’n persoon.
Die rijkdom was het koffertje,
dat voor de laatste reis was gepakt,
dat neem je mee.

Als ik straks bij Petrus voor de hemelpoort sta
zal ik niet kunnen zeggen:
“Laat me erin, ik ben bisschop, ik hoor erbij,
ik ben van de club”.
Volgens Dante’s Divina Commedia
zitten er veel bis­schop­pen in de hel.
Maar niet alleen bis­schop­pen,
niemand van ons zal kunnen zeggen:
“Ik was koster” of: “Ik had de mooiste sopraan
van heel het muziek­insti­tuut”
of ik was wereldkampioen, (of bijna),
ik heb rechten, laat me erin,
nee.
Geen geld, geen macht en positie zullen tellen
maar alleen de vraag wie we geweest zijn,
wat voor mens,
of we christen zijn geweest
en dat wil in de kern zeggen:
Of we ons in ons leven hebben laten leiden door de liefde.
Want dat is het belangrijkste gebod:
Je liefde tot God en de liefde voor je naaste
en God is liefde.
Al het goede dat je hebt gedaan,
al het goede dat in je zit,
zal honderdvoudig worden vergoed.
Een daarbij gaat het ook nog niet om de vraag
of we wel perfect zijn in de liefde
en of we misschien tegen de liefde hebben gezondigd.
Nee, het gaat enkel om de vraag
of we bij al onze zwakheid
met de hulp van Gods genade
willen leven en handelen volgens de liefde,
uit liefde, met een goed hart,
of we van harte er naar verlangen, om een goed mens te zijn
naar het voorbeeld en de leefwijze
van Jezus Christus onze Heer.
Karl Rahner, een bekend theoloog, zei daarom dat er ook
“anonieme christenen” zijn,
mensen die niet zo heten, maar wél zo zijn.

En daarom komen we naar de kerk.
We komen niet naar de kerk
om te genieten van mooie muziek
- tenminste niet op de eerste plaats –
en ook niet om te luisteren naar een min of meer geslaagde preek
- tenminste: ook dat is niet het belangrijkste.
We komen hier samen om de liefde te vieren,
Gods liefde die tot het uiterste ging,
die als antwoord op het kwaad
dat in de wereld zo welig tiert,
(ook nu – zoveel mensen die lijden
onder oorlog, terreur, honger, onderdrukking
of deze vliegtuigramp)
die als antwoord op die enorme berg van kwaad en zonde,
niet zei:
“Ze hebben het aan zichzelf te wijten,
laat ze barsten”,
maar ons leven kwam delen,
kwaad beantwoordde met goed,
de liefde kwam vóór leven
en daarbij tot het uiterste ging:
Hij gáf zich,
liet zich als misdadiger ter dood veroordelen
tot de dood aan het kruis.
Dit was Gods antwoord op het kwaad en de haat
die Hij overal in de wereld zag.
En wij komen hier om die liefde te gedenken,
ons daardoor te laten voeden en ons te laten inspireren
door de woorden en het leven van Jezus.
Het is de realiteit van deze dagen
dat we hard met het kwaad in de wereld
worden geconfronteerd.
Het evangelie van vandaag wil ons eraan herinneren
dat het kwaad een realiteit is
waarin ook wij moeten leven.
Met het voorbeeld van Jezus voor ogen,
kun je je niet goed door het lint laten gaan
en in het wilde weg om je heen gaan slaan
om wraak te nemen.
Het antwoord zal toch ergens weer
met evenwicht, met recht­vaar­dig­heid en liefde
te maken moeten hebben.
Op de akker van de wereld
groeien onkruid en tarwe,
het is niet anders.
Overal ontmoeten we goede mensen en slechte mensen
en velen er zo’n beetje tussenin.
We kunnen niet het onkruid uitroeien
zodat er alleen maar tarwe overblijft.
Dat kan alleen al niet
omdat onkruid en tarwe samen
in onze eigen harten vaak gemengd zijn.
We kunnen de mensen niet zo goed indelen
in goeden en slechten
en we kunnen de goeden niet mooi en zuiver
van de slechten scheiden.
De vorige keer dat strijdende partijen
een passagierstoestel neerhaalden,
was tijdens de oorlog in Irak.
President Bush dacht misschien
toen hij de oorlog begon in Irak
dat hij onkruid van tarwe kon scheiden:
paus Johannes Paulus II noemde dat toen
een nutteloze slachting
en hij heeft gelijk gehad:
Door iemand in Irak als het kwaad aan te wijzen,
verstoorde Amerika een wankel evenwicht
en nu – honderdduizenden doden
en miljoenen vluchtelingen later –
schijnt alle tarwe verdwenen, al het goede is weg,
zo lijkt het;
men wilde het onkruid – het kwaad – bijeen wilde garen,
eruit wilde trekken,
maar het woekert nu welig als nooit tevoren
en geen christen is zijn leven veilig....

Overal is kwaad, in de wereld en ook in de kerk.
Wie in de kerk is, is zeker niet automatisch goed
en dat is van het begin af zo geweest
toen Jezus met de apostelen rond trok.
Als we zelf moeite hebben met onkruid dat we aantreffen,
met het kwaad in de grote wereld
dat agressie in ons opwekt,
of ook met het kwaad in onze eigen omgeving,
met wat mensen elkaar aandoen,
met het kwaad in de wereld, in onze omgeving óf in de kerk,
zouden we eraan kunnen denken
hoe Jezus met Judas omging.
Hij wist dat die een verrader was,
een rotte appel in de mand met apostelen,
onkruid tussen de tarwe.
Jezus verdroeg hem, tot bij het Laatste Avondmaal en
de kus waarmee Judas hem verraadde;
en alle liefdevolle woorden die Jezus sprak
waren in feite een uit­no­di­ging
aan Judas en alle andere tegenstanders
om van onkruid tarwe te worden.
Natuurlijk moeten misdadigers vervolgd en bestraft worden,
dat is een eis van recht­vaar­dig­heid;
maar alleen waar mensen innerlijk veranderen,
ontstaat er echt een nieuwe situatie.
Dat noemen we: bekering
Dat blijft altijd mogelijk tot hun laatste snik,
dat mensen zich bekeren tot de liefde
en steeds meer tarwe worden.
Want we zijn allemaal nog onderweg,
ons levensverhaal is nog niet af.
Gelukkig maar.
En voor al die mensen
wier levensverhaal zo plotseling nu is afgelopen
door de vreselijke vliegtuigramp,
bidden we
dat zij ook als goed zaad
in de aarde gevallen mogen zijn,
dat hun leven vrucht mag dragen,
dat zij nu in vrede mogen zijn.
Amen

Terug