Arsacal
button
button
button
button


Preek bij de bisschoppenvergadering

Het gaat om de binnenkant

Overweging Preek - gepubliceerd: dinsdag, 13 oktober 2015 - 696 woorden
De kapel van het aartsbisdom
De kapel van het aartsbisdom

Op dins­dag 13 ok­to­ber vond in Utrecht de maan­de­lijkse bis­schop­pen­ver­ga­de­ring plaats. Na een lange dag van ver­ga­deren over talrijke on­der­wer­pen, vier­den we ge­za­men­lijk - zoals gebruike­lijk - de vespers en de heilige Eucha­ris­tie. Bij die gelegen­heid heb ik de on­der­staan­de homilie gehou­den.

De bis­schop­pen­ver­ga­de­ring vindt maan­de­lijks ge­woon­lijk op de tweede dins­dag van de maand plaats in het huis van de aarts­bis­schop aan de Malie­baan in Utrecht.

Homilie


Jezus spreekt vandaag
tot de Fari­zeeën en tot ons
over de buiten­kant en de binnen­kant.
Die binnen­kant gaat over wie wij zijn
als mens en gelo­vi­ge:
wat is het hart van ons bestaan?

Luis­te­ren naar de Geest

De retraite, stille dagen, gees­te­lij­ke lei­ding en de medi­ta­tie
zijn in de pries­ter­oplei­ding
daarvoor ge­woon­lijk de meest be­lang­rijke momenten.
We hebben dat zelf vermoe­de­lijk
ook wel zo ervaren
en eigen­lijk merken we dat vermoe­de­lijk nog steeds
al heeft met name de gees­te­lij­ke lei­ding
in de loop van ons leven als pries­ter en bis­schop
vermoe­de­lijk een andere plaats en bete­ke­nis gekregen.

Tegen het licht van hun groei en ont­wik­ke­ling
zijn medi­ta­tie, stilte en gees­te­lij­ke lei­ding
voor een se­mi­na­rist
uit­ein­delijk zelfs be­lang­rijker
dan getij­den­ge­bed of rozen­krans.
Dit is omdat zij door de medi­ta­tie
er toe wordt gebracht
per­soon­lijk, direct naar God te gaan.
Ook al zal een vers van een psalm
van het getij­den­ge­bed bij­voor­beeld
ook ons hart kunnen raken,
het luis­te­ren naar de wer­king van de heilige Geest
krijgt in de stilte van medi­ta­tie en retraite
toch wel op een bij­zon­dere manier gestalte.

Hij laat mij niet meer los...

Daar ont­staat de inner­lijke zeker­heid
dat Hij je niet meer loslaat
en dat je Hem niet meer los kunt laten.
Het is een heel directe manier
om - als je je ervoor open stelt -
je hart en heel je leven
van het evan­ge­lie
en van Jezus’ te­gen­woor­dig­heid
te laten doordesemen.

Gebe­den die we "doen"...

In zekere zin
kunnen getij­den­ge­bed en rozen­krans daar­en­te­gen
iets ge­mak­ke­lijks hebben:
we hebben iets gepres­teerd,
we hebben iets gedaan.
Dat kan iets formalis­tisch krijgen
al is zeker in dorre tij­den
de gebeds­stroom van het brevier
zeer be­lang­rijk om ons
in de bed­ding van het gebed te hou­den.

Niets doen...

Als we de medi­ta­tie doen
kun we de indruk krijgen
dat we niets hebben gedaan.

We zijn als die boer
in de kerk van de pastoor van Ars,
die zei:
Hij kijkt naar Mij
en ik kijk naar Hem.
We openen ons heel concreet
om ons met de hulp van Gods genade
te vormen naar het evan­ge­lie.
Maar dat is meer een werk
dat Hij in ons verricht,
meer dan dat wij­zelf iets “doen”.
De woor­den van het evan­ge­lie
kunnen zelfs bijna alleen
diep in ons vallen
als we ”terug geschakeld” zijn,
tame­lijk passief zijn, ont­vanke­lijk;
hier wordt meer bewerkt
als het lang­zaam gaat,
als we er tijd voor nemen.

Voor de drukke mensen die wij zijn
vraagt het al iets
om het brevier in te plannen.
Toch is het vaak ge­mak­ke­lijker
het brevier te bid­den
dan de medi­ta­tie te doen.

Jezus doet de was­singen niet

Jezus bezoekt vandaag dus een Fari­zeeër
die Hem heeft uit­ge­no­digd voor de maal­tijd.
Jezus verricht de was­singen niet,
luidt diens verwijt.
Het waren bepaalde rituele was­singen
die volgens Farizeïsche overleve­ring
waren voorge­schre­ven
maar niet in het Oude Testa­ment waren bevolen.
Jezus verricht ze niet,
blijk­baar om aan te kunnen geven
dat je niet voor de buiten­kant moet leven,
niet in formalisme moet vervallen,
maar dat het om de binnen­kant gaat.

De binnen­kant

Laten we dui­de­lijk zijn:
Jezus veroor­deelt die praktijken niet,
Hij geeft slechts aan
dat ze niet de kern vormen,
dat het om iets anders gaat.
De buiten­kant is maar de buiten­kant,
wezen­lijk is de binnen­kant.
Het gaat erom of we leven vanuit ons geloof,
of onze band met de Heer
de levende leidraad is,
of we een goed mens zijn;
het gaat erom of we inner­lijk trouw zijn
aan Hem
en niet zozeer om het doen van dingen,
hoe goed en hoe be­lang­rijk
die ook kunnen zijn.

We kunnen ge­mak­ke­lijk tot formalisme vervallen,
bij­voor­beeld door op een bepaalde, bijna poli­tieke manier
bezig te zijn met zaken van Kerk en geloof.
Op die manier ermee bezig zijn
kan een oor­zaak zijn
dat we in een niet-lou­te­rende dor­heid belan­den,
omdat de Geest uit onze over­we­gingen,
ons denken en spreken verdwijnt.
Het gaat om de binnen­kant,
zegt ons vandaag de Heer,
daar moet het vanuit komen.
Dan wordt de buiten­kant van­zelf rein.
Amen

Terug