Arsacal
button
button
button


’Amoris Laetitia’ en deelname aan de sacramenten

Die ene voetnoot en de praktijk van het interne forum

Artikel Overig - gepubliceerd: zaterdag, 7 mei 2016 - 657 woorden

Heeft Amoris Laetitia, de Apos­to­lische Exhor­ta­tie van paus Fran­cis­cus, de ker­ke­lijke leer veranderd? In voetnoot 351 van de Exhor­ta­tie wordt gezegd dat personen die in irreguliere situaties leven in bepaalde gevallen de hulp van de sacra­menten kunnen ont­van­gen. Maar als de paus zoiets be­lang­rijks verandert, waarom heeft hij dat dan in een voetnoot gedaan? Of wilde de paus het een beetje stiekem doen? Nee, er is iets anders aan de hand.

biecht­va­der

De paus heeft in zijn do­cu­ment een verwel­ko­mende pas­to­raal onder woor­den gebracht en daarbij in feite verwezen naar de praktijk van de Kerk, zoals biecht­va­ders die bij hun oplei­ding ge­woon­lijk geleerd krijgen en die in Familia­ris Consortio en het Vademecum voor biecht­va­ders is te vin­den.

Paus Fran­cis­cus heeft in de Apos­to­lische Exhor­ta­tie Amoris Laetitia bij­zon­dere aan­dacht besteed aan het be­ge­lei­den van onregel­ma­tige levens­si­tua­ties van biech­telingen. Het gaat in de context om een afwe­ging door biecht­va­der of gees­te­lij­ke bege­lei­der.

Complexe situatie

De paus wijst erop dat de biecht­va­der verwel­ko­mend moet zijn en oor­de­len moet vermij­den die geen reke­ning hou­den met de com­ple­xi­teit van een levens­si­tua­tie en dat hij bij­zon­dere aan­dacht moet hebben voor de wijze waarop de be­tref­fen­de personen leven en hun situatie ervaren (n. 296). De biecht­va­der moet bedacht zijn op de chris­te­lijke pedagogie, dat wil zeggen: er bij­zon­der op toezien hoe hij de peni­tent vooruit kan helpen op de weg van de navol­ging en reke­ning hou­den in zijn benade­ring met het feit dat de aanreken­baar­heid van de zon­dige situatie heel ver­schil­lend kan zijn, dat personen in een irreguliere situaties soms weinig of geen schuld hebben, ver­plich­tingen hebben in een nieuwe relatie, bij­voor­beeld tegen­over de kin­de­ren, of pas tot geloof geko­men zijn toen hun levens­si­tua­tie al niet geor­dend was, enzo­voorts (vgl. nn. 297-300). Dit wil in ieder geval zeggen dat de biecht­va­der of gees­te­lijk leidsman degenen die in een irreguliere situatie verkeren met begrip en liefde tegemoet moet tre­den en erop bedacht te zijn hen zo veel moge­lijk bij het ker­ke­lijk leven te betrekken.

Deelname aan de sacra­menten?

In sommige gevallen kan dit deelname aan de sacra­menten inhou­den, zoals in de Apos­to­lische Exhor­ta­tie Familia­ris Consortio (1981), n. 84 al is aange­ge­ven. Hiertoe moet de biecht­va­der de situatie afwegen in overeenstem­ming met de leer van de Kerk hier­om­trent. Zo kan iemand die zich van huwe­lijks­ge­meen­schap onthoudt deelnemen aan de sacra­menten en dus ook de absolutie ont­van­gen. Omdat de situatie naar buiten toe niet geor­dend is, zal die persoon ter communie kunnen gaan waar die situatie niet bekend is. Soms wenst één partner zich te ont­hou­den van ge­meen­schap, maar kan niet verhin­de­ren - ook al probeert hij of zij dit delicate punt met liefde naar voren te brengen - dat de andere partner tegen zijn of haar wens toch ge­meen­schap ‘opd­ringt’ (vgl. het Vademecum n. 13).

Nietig­ver­kla­ring

In een enkel geval kan iemand niet de nie­tig­ver­kla­ring van een eerder huwe­lijk vragen, bij­voor­beeld door suïcidale nei­gingen van de psy­chi­sch zieke partner van dat huwe­lijk, terwijl de biecht­va­der de nie­tig­heid van dat huwe­lijk gezien de feiten en omstan­dig­he­den wel als vaststaand moet be­schou­wen. In zo’n geval is deze persoon niet in staat om de nie­tig­ver­kla­ring te vragen en daardoor niet gebon­den aan de canonieke vorm voor een huwe­lijk (vgl. c. 1116) en zal het nieuwe huwe­lijk in Gods ogen gel­dig zijn, ook als het alleen in een bur­ger­lijke vorm is gesloten.

Interne forum

Na­tuur­lijk gaat het hier om de eer­lijke belij­denis van de biech­teling die door de biecht­va­der wordt verstaan en op basis waarvan hij een oor­deel geeft in het zogeheten 'interne forum' en waardoor de biech­teling in geweten niet bezwaard hoeft te zijn om aan de sacra­menten deel te nemen, op een plaats waar zijn publieke situatie geen vragen oproept. Het gaat hier om zeer delicate omstan­dig­he­den, die op een wijze manier moeten wor­den afgewogen in overeenstem­ming met de leer van de Kerk. In zulke gevallen kan de biecht­va­der dus tot de con­clu­sie komen dat de biech­teling geabsol­veerd kan wor­den en aan de sacra­menten kan deelnemen.

Terug