Arsacal
button
button
button
button


Doorgeven en loslaten... toevertrouwen...

Eucharistieviering in Obdam

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 17 juni 2018 - 881 woorden
Interieur van de Sint Victorkerk
Interieur van de Sint Victorkerk
De toren is al van verre te zien
De toren is al van verre te zien
welkom, kom maar binnen!
welkom, kom maar binnen!

Zondag 17 juni was ik in de Sint Victor­paro­chie in Obdam voor de Eucha­ris­tie­vie­ring. Bert Glorie is er pas­to­raal werker, hij bereidt zich voor op de diaken- en pries­ter­wij­ding. De Sint Victor is een mooie, goed ver­zorgde kerk. We dachten in ons gebed aan de vaders op deze vader­dag.

Het was voor de Mis even zoeken naar het altaarmissaal, want er is lang niet iedere zon­dag een Eucha­ris­tie in Obdam. Daarom wordt er met verlangen uitgezien naar de pries­ter­wij­ding van Bert Glorie. We wensen hem dan ook alle zegen en succes met de gees­te­lij­ke voor­be­rei­ding en de studie. Gelukkig is er in de regio onlangs een tweede pries­ter bij geko­men door de wij­ding van Álkvaro Rodriguez.

De kerk was goed bezet en het dames- en heren­koor zong de Neder­landse Barokmis van Van Haperen. Er was helaas geen koffie drinken na de Mis waardoor ik weinig gelegen­heid had de pa­ro­chi­anen te ontmoeten, maar daar zal vast nog wel een andere keer gelegen­heid voor zijn!

HOMILIE

Keuze van het hart....

Kin­de­ren opvoe­den
is lang niet altijd ge­mak­ke­lijk.
Terecht willen ouders iets mee­ge­ven
aan cultuur, aan geloof, aan omgangs­vor­men,
sociale vaar­dig­he­den, naasten­liefde
en noem maar op
en tege­lijk moet er ruimte zijn
voor een jonge mens
om zelf zijn of haar keuzes te maken.
Alle echt be­lang­rijke zaken in het leven,
kunnen uit­ein­delijk alleen
keuzes van het hart zijn,
ze hebben ook met een inner­lijk aanvoelen
en een per­soon­lijke over­tui­ging te maken.

 

Verant­woor­de­lijk­he­den

Soms willen we graag
dat iemand - een kind of iemand anders -
een keuze niet maakt
of iets juist wél doet;
soms hebben wij een dui­de­lijk oor­deel
over een situatie,
wij zou­den het wel weten,
maar we zijn geen heer en meester
van andermans geweten,
van andermans leven
en ieder mens heeft zijn eigen verant­woor­de­lijk­he­den.
Een agent geeft een bekeu­ring,
wij zijn het er helemaal niet mee eens,
maar híj is de politieman
en hij heeft deze verant­woor­de­lijk­heid.
Zo gaat het na­tuur­lijk
op allerlei terreinen van het leven.

Balans

We moeten respect hebben
voor de eigen verant­woor­de­lijk­he­den van anderen
en de eigen weg en keuzes die mensen
op grond van hun inzichten maken,
maar dat betekent ook weer niet
dat we ons beter nergens mee kunnen bemoeien
en ie­der­een maar zijn gang
moeten laten gaan.
Nee, er is een soort balans
tussen vrij laten en ver­trouwen
en waar­den, normen en inzichten mee­ge­ven.
En onder alles moet bij ons ook
het ver­trouwen blijven
dat God zelf, dat de heilige Geest
net zo goed met mensen bezig is,
een nieuw begin kan maken,
en door goede inge­vingen
ervoor kan zorgen dat er iets moois kan groeien
uit iemand van wie we dat nu mis­schien
niet zo ver­wach­ten.

De Geest werkt ook...

Ons gebed voor andere mensen
is daarom heel be­lang­rijk,
want wij kunnen niet alles kne­den
en naar onze hand zetten
en daar gaat het ook niet om,
maar door de kracht van de Geest
kan iemand mooie dingen doen.
We hebben denk ik bijna allemaal wel
zo’n erva­ring opgedaan:
onze ouders hebben ons van alles meege­ge­ven,
zij hebben zaadjes gezaaid,
maar mede door allerlei erva­ringen
die we hebben opgedaan,
dingen die we hebben mee­ge­maakt,
heeft onze eigen over­tui­ging en ons eigen geloof
vorm gekregen
en zijn we gewor­den
tot de mensen die we nu zijn.

Een akker­bouwer

Jezus heeft het vandaag over deze zaken
in de parabel die Hij ver­telt.
Hij ver­telt over een man die zijn akker bezaait.
Na­tuur­lijk heeft hij die grond
- voordat hij met zaaien begin -
goed voor­be­reid;
hij heeft geploegd en hij zal mis­schien water geven
of ongedierte bestrij­den.
Dat is het wat die akker­bouwer kan doen:
zorgen voor goede omstan­dig­he­den,
zodat het zaad kan groeien.
Zoals ouders hun kin­de­ren
met zorg en liefde proberen op te voe­den.
Maar verder staat die land­bouwer erbij en kijkt ernaar:
de aarde heeft haar eigen vrucht­baar­heid,
het zaad zijn eigen groei­kracht.
De tijd van de land­bouwer komt dan weer
als het tijd wordt om te oogsten.

Door­ge­ven, zaaien...

Dit is een prach­tig beeld
voor de groei van het rijk van God:
Hoe kan God mensen in­spi­re­ren?
Hoe groeit in mensen het verlangen
om Jezus na te volgen?
Er is in ons iets moois gegroeid
door allerlei erva­ringen en in­spi­ra­ties,
waarin de Geest van God
werk­zaam is geweest.

Wat wij kunnen doen
is de grond voor­be­rei­den
en het zaad uitzaaien,
in woord en voor­beeld
door­ge­ven wat mooi en goed is,
lijntjes leggen
en de grote schat die het geloof voor ons leven is,
niet verborgen hou­den.
Daarna moeten we het ook weer wat loslaten,
want het is de genade van God
die in het hart van een mens
zijn werk moet doen
en dan kan dat heel kleine zaadje
dat we hebben uitgezaaid,
uitgroeien tot een gewel­dige, krach­tige boom.
Dat is een proces wat wij mensen
niet echt kunnen sturen.

Johannes XXIII

Zestig jaar gele­den werd Johannes XXIII
tot paus gekozen.
De eerste avond lag hij te woelen in zijn bed.
Hij kon maar niet slapen:
wat lag er een grote verant­woor­de­lijk­heid
op zijn sch­ou­ders.
Totdat hij in zijn hart een stem hoorde:
Het is niet jouw kerk,
het is de kerk van de Heer.
Uit­ein­de­lijk is het mijn zorg,
ga jij maar rus­tig slapen.

En zo is het ook voor ons:
wij kunnen ons soms veel zorgen maken:
hoe zal dit gaan, hoe zal dat lopen?
Maar het is niet alleen onze zaak
en wij zijn het niet
die alles groei­kracht geeft en vrucht­baar maakt,
dus geef het af, ver­trouw het toe
en leg het ook een beetje
in Gods han­den.
Amen.

Terug