Arsacal
button
button
button
button


Wat is het allereerste gebod?

31e zondag door het jaar B

overweging_preek - gepubliceerd: zondag, 4 november 2018

Op de 31e zondag door het jaar was ik in de kathedraal voor de Eucha­ris­tie­viering, die door de meisjes van het kathedraal werd gezongen, onder leiding van Sanne Nieuwenhuijsen, de magistra cantus met dr. Ton van Eck, titulair organist van de kathedraal, aan het orgel. Het evangelie was Mc. 12,28b-34 waarin een schriftgeleerde komt vragen wat het eerste gebod is.

Homilie

Wat we belangrijk vinden

Er zijn heel veel zaken die mensen hoog aanslaan;
wat we belangrijk vinden
merken we vooral
als we geraakt worden in deze zaken:
onze gezondheid hoort daar natuurlijk bij,
baan, gezin, mensen om wie we geven, geld,
zelfstandigheid en je eigen leven kunnen leiden, enzovoorts.
Vaak maken mensen zich ook wel heel erg druk
om dingen die op de keper beschouwd
eigenlijk niet zo belangrijk zijn.
TV-programma’s als Het familiediner of de rijdende rechter
mogen dat proberen op te lossen
en daar smult het hele land dan van,
want het is zo ontzettend herkenbaar.

Het allervoornaamste?

Maar wat is nu echt het allerbelangrijkste,
waaraan zouden we voorrang geven boven alles?
Af en toe is het zeker goed daaraan te denken
- wat is nu werkelijk belangrijk voor mij? -
en daardoor dus allerlei andere zaken te relativeren.
Welk aspect van ons leven met alles erop en eraan
zouden we het eerst willen redden en behouden?
Wat is het allervoornaamste?

In het evangelie van vandaag
komt een schriftgeleerde naar Jezus toe
om in feite dít te vragen:
“Wat is het allereerste gebod”?
Waaraan moet je boven alles waarde hechten
Wat moet bovenaan ons “to do” lijstje staan?

Ontmoeting

Vorig jaar ben ik in Israël geweest
voor een ontmoeting van Rabbijnen en bis­schop­pen.
Bij die gelegenheid werd meermalen
het “Shema Jisrael” gezongen.
Deze Hebreeuwse woorden betekenen:
“Hoor Israël”, luister,
maar “luister”in de zin van:
“Neem het goed in je op”.
Het is een tekst die Jezus vandaag citeert
en die gelovige Joden
nog steeds meermalen per dag bidden
en bij allerlei bijzondere gelegenheden;
en velen van hen
dragen de woorden van dit gebed
in kokertjes met gebedsriemen, de tefilin,
op het hoofd, bij het hart en op de hand
Ik merkte bij de gelovige orthodoxe Joden die daar waren
hoe belangrijk deze tekst voor hen was;
ik kon zien dat ze die
met eerbied, overgave en zelfs ontroering
zongen of uitspraken,
ze legden hun hart in die woorden.
Het was duidelijk:
dit behoorde tot de kern van hun geloof.

De tekst van deze geloofsbelijdenis
gaat over de liefde tot God en de liefde tot de naaste.

Eén gebod

Het is de tekst van dit gebed
die Jezus vandaag uitspreekt
als antwoord op de vraag wat het belangrijkste is
en Hij voegt eraan toe
dat niets, geen ander gebod, voornamer is, dan deze twee.
Het bijzondere in dit antwoord is
dat Jezus twee geboden ziet
- de liefde tot God en de liefde tot de naaste -
maar die twee als één enkel gebod beschouwt.
Dat betekent eigenlijk dat Hij zegt dat ze samenhangen,
dat het uiteindelijk gaat om de liefde
en dat we God niet werkelijk liefhebben
als we niet ook de naaste, de medemens beminnen,
die Hij heeft geschapen;
en dat we onze naaste en onszelf niet volledig beminnen
als we niet ook de Schepper liefhebben
die de mens naar Zijn beeld en gelijkenis heeft gemaakt.
Juist dat maakt een mens, iedere mens,
zo mooi en uniek!
Als we iets voor een medemens doen,
een daad van naasten­liefde stellen,
is dat ook een gave aan God:
“Wat je voor de minsten der Mijnen hebt gedaan,
heb je voor mij gedaan”.

Het is dit geloof dat we als christenen delen
met onze Joodse broeders en zusters.

Betrekkelijk

Er zijn allerlei momenten in ons leven
dat we ervaren wat werkelijk belangrijk is.
Vooral als we te maken krijgen met gemis.
De dochter van een multimiljonair werd gekidnapt,
hij had alles willen geven, heel zijn bezit,
om zijn dochter levend terug te krijgen;
als er een levensbedreigende ziekte opkomt,
of er overlijdt een dierbaar iemand,
dan verliezen alle andere dingen
waar we ons druk over hebben gemaakt,
ineens hun waarde:
het wordt zo betrekkelijk,
het telt niet meer,
wat is het waard in het licht van de eeuwigheid?

Behalve de liefde,
die verliest zijn waarde niet,
die wordt alleen maar belangrijker
als we te maken krijgen met gemis:
iemand die er dan voor je is,
is meer waard dan goud;
het eigenlijke gemis is,
als die liefde er niet is.

Wat voor liefde?

Dus dat is het eerste gebod: de liefde!
En dan niet de liefde die in talloze hits wordt bezongen,
de liefde van het gevoel en het verlangen,
dat gaat eigenlijk nog heel erg
over wat wijzelf willen hebben,
naar ons toe willen halen;
dat eerste en tweede gebod gaat
over een gevende liefde,
een liefde die offers brengt,
een liefde die maakt
dat we er voor een ander zijn,
zo goed als we kunnen.

Hoor!

Dit Joodse gebed dat Jezus citeert,
begint met het woord “luister”, hoor;
dat is een uit­no­di­ging
om even niet zelf aan het woord te zijn,
want als we spreken
gaat het om iets wat uit ons komt, om onze woorden;
als we luisteren openen we onszelf
voor wat van buiten tot ons komt;
daar begint de liefde!

Laten we Gods zegen vragen
om Hem lief te kunnen hebben met ons hart
en de naaste als onszelf.
Amen

Terug