Arsacal
button
button
button
button


'Feest moet er zijn en vrolijkheid'

Wat voor feest moet er zijn?

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 15 september 2019 - 860 woorden
met pastoor Nico Knol en kapelaan Álvaro Rodriguez Luque
met pastoor Nico Knol en kapelaan Álvaro Rodriguez Luque
De kerk van De Goorn
De kerk van De Goorn
In De Goorn
In De Goorn

Zondag 15 sep­tem­ber was ik voor een pas­to­raal bezoek in de regio De Water­kant. De dag begon met de Eucha­ris­tie­vie­ring in De Goorn. Pastoor Nico Knol en kape­laan Alvaro Rodriguez Luque con­ce­le­breer­den en het Dominicus­koor luisterde de vie­ring op met fraaie zang. De parabel van de verloren zoon werd gelezen. Eigen­lijk is het te begrijpen dat de oudste zoon uit die parabel niet blij was...

HOMILIE

“Feest moet er zijn en vrolijk­heid”.
Dat feest vieren wij hier in de kerk
nu we geno­digd zijn
aan het feestmaal van de Heer.

Is het niet logisch dat hij kwaad is?


“Feest moet er zijn...”.
Wie het daar toch wel een beetje moei­lijk mee heeft,
dat is die oudste zoon,
die altijd braaf zijn best heeft gedaan,
keurig in de pas heeft gelopen
en nu moet toezien
dat de jongste
die er echt een zooitje van heeft gemaakt
- veel geld over de balk gegooid,
los­ban­dig geleefd -
alle harte­lijke aan­dacht krijgt
en wordt binnen gehaald
alsof hij een god of een prins is:
het gemeste kalf wordt geslacht,
er wordt gelachen, gedanst, muziek gemaakt,
terwijl die oudste zoon bij thuis­komst
toevallig ontdekt
dat dit feest aan de gang was.
Hij was dus niet eens uit­ge­no­digd.
Is het niet logisch dat hij kwaad is?
“Wat is hier aan de hand?”
vraagt hij als hij bijna thuis geko­men
het feestgedruis verneemt.
Hij voelt zich slecht behandeld.

Een valkuil...

Ik denk dat dit een van de grote valkuilen
van ons leven is:
dat we ons tekort gedaan voelen:
waarom hij of zij wél en ik niet?
Alsof wij toch minder zijn,
niet mee­tellen.
We zijn bijna allemaal geneigd om te ver­ge­lij­ken.

Als we ons tekort gedaan voelen...

Soms voelen we ons echt tekort gedaan
door iemand anders:
ik heb zoveel voor die of die gedaan
en wat krijg ik terug?
Wie staat er klaar voor mij?
Stank voor dank!

Soms voelen we ons tekort gedaan
door het leven:
als we niet de moge­lijk­he­den hebben gekregen
die een ander wél had,
als we mis­schien niet de capaci­teiten
of de intel­li­gentie of het geld had­den,
die een ander wél had,
als we mis­schien niet de ge­zond­heid had­den
of het geluk in relatie en gezin
die een ander wél had.

Verwijt aan God?


En soms wordt dat dan ook
een stil verwijt aan God:
Waarom hebt u mij niet geholpen,
waarom mocht dat voor mij niet zo zijn
waarom moest mij dat over­ko­men?
Ben ik dan minder?
En als we dan toch aan het ver­ge­lij­ken gaan,
voelen we ons mis­schien ook weleens
als die oudste zoon uit de parabel:
Die ander die het zo goed gaat
heeft veel minder goed geleefd:
zo’n brave was dat niet,
het is niet eer­lijk.

Weg met die gedachten!

Toch moeten we van die gedachten af,
net als die oudste zoon uit de parabel,
want we wor­den er na­tuur­lijk niet gelukkig van,
maar bitter
als we die gedachten koes­te­ren
en ze kloppen ook niet altijd helemaal.
Die gedachten maken
dat we onze eigen ze­ge­ningen niet meer zien;
wie teveel naar andere kijkt,
ziet niet meer wat hij zelf heeft gekregen.

Ant­woor­den

En kunnen we leven met het feit
dat we niet op alle vragen
een ant­woord krijgen in dit leven?
In het andere wél,
daar wor­den alle vragen beant­woord.

Anders...

“Feest moet er zijn en vrolijk­heid”,
zegt de vader van de verloren zoon.
Maar je hebt feest en feest.
Die jongste zoon had al veel feest gevierd,
alles verbrast, een leven zonder inhoud
en hij was er diep triest van gewor­den;
hij was geëindigd tussen de varkens.
Het léék lollig en leuk, op­per­vlak­kig gezien,
maar het was niet echt fijn
want die jongen zijn leven was dood en leeg.
Het was lol geweest,
die geen vreugde geeft.
Maar dit feest nu bij zijn vader thuis
was anders, heel anders,
want die jongen was anders, levend gewor­den!

En zo is het ook met ons:
We genieten niet perse het meest
van wat begerens­waar­dig lijkt
en lollig en leuk:
grote feesten, verre vakanties,
de jackpot in de loterij.
Er zijn andere feesten
die een andere vreugde in ons achterlaten:
een­vou­dige dingen zijn dat soms:
zonlicht door de bomen,
een pas­ge­bo­ren kind,
de vreugde van het samen­zijn.

Deel in die vreugde

Ook het feest dat we in de kerk vieren
valt in een andere cate­go­rie
dan het uit je dak gaan op een party;
dit is een feest van thuis komen,
een feest van ont­moe­ting met God;
het is de Heer die ons hier ont­vangt,
die hier onder ons is
en die wij mogen ont­van­gen.
we bouwen hier aan onze band met Hem
en voe­den die
en die band zal vreugde geven en kracht
als er dingen gebeuren die we niet begrijpen,
die band zal ons sterken
als we dit leven moeten verlaten;
die band maakt ons leven
en de pa­ro­chie
mooi en vol vreugde,
de moeite waard.
Deel in die vreugde!

Bedankt!

Na de vakanties begint een nieuw werk­jaar,
ook in de pa­ro­chies van de Water­kant en Emmaus
met alle ac­ti­vi­teiten.
Ik dank het pas­to­rale team
en alle vrij­wil­li­gers die dit moge­lijk maken.
Bedankt voor jullie inzet!
En ik wens jullie een goed en mooi werk­jaar toe,
dat voor vele mensen
de vreugde van het evan­ge­lie
levend en voel­baar mag wor­den!

Terug