Arsacal
button
button
button


Waarom je kind laten dopen?

parochiebezoek in Uitgeest op het feest van de Doop van de Heer

overweging_preek - gepubliceerd: zondag, 12 januari 2020
Doopkapel in de kerk van Uitgeest met een tegeltableau van de doop van Jezus
Doopkapel in de kerk van Uitgeest met een tegeltableau van de doop van Jezus
Lang voor de Mis waren de koren al aan het oefenen
Lang voor de Mis waren de koren al aan het oefenen
Kerststal in Uitgeest. met de Doop van de Heer eindigt de kersttijd
Kerststal in Uitgeest. met de Doop van de Heer eindigt de kersttijd

Zondag 12 janu­ari was ik in Uitgeest op het feest van de Doop van de Heer voor een fees­te­lij­ke Eucha­ris­tie­vie­ring met de drie koren: Laus Deo, de Cantorij en Sounds of Life. Na afloop was er een ont­moe­ting en nieuw­jaars­bij­een­komst met de pa­ro­chi­anen in het naast de kerk gelegen pa­ro­chiehuis "De Klop".

De Eucha­ris­tie­vie­ring

De drie koren tellen een flink aantal leden (het grootste deel van de kerk­gan­gers) en hebben mooi gezongen in de monu­mentale kerk die toegewijd is aan O.L. Vrouw Geboorte. De vie­ring begon met de be­spren­keling met het gewijde water ter ge­dach­te­nis aan het doopsel, na een wel­komst­woord van vice-voor­zit­ter van de loka­tieraad, de heer Teun Jonker. Dat was op het feest van de Doop van de Heer bij­zon­der passend. Aan het eind van de Mis brachten we een bloe­men­hul­de aan Maria. Nog niet lang gele­den was ik er ook om een concert mee te maken dat werd gegeven als hommage aan de man­tel­zor­gers.

Samen­wer­kings­ver­band


Uitgeest is in een samen­wer­kings­ver­band verenigd met Heems­kerk en Castricum waarbij zich ook Beverwijk, Velsen Noord en Wijk aan Zee voegen. De priesters pastoor Ton Cassee, pastoor Kaleab Maresha Shiferaw, pastoor dr. Matthew Njezuhumkattil en Kape­laan Teun Warnaar, assis­tent pastoor Anton Overmars alsmede Diaken Marcel de Haas dragen de pas­to­rale zorg voor dit gebied.
Veel mensen waren naar het pa­ro­chiehuis geko­men voor de ont­moe­ting en zo had ik gelegen­heid heel wat pa­ro­chi­anen te ontmoeten.

Met het feest van de Doop van de Heer eindigt de Kerst­tijd.

HOMILIE

"Jij bent mijn kind..."

Het doopsel stond
aan het begin van ons chris­te­lijk leven.
het maakte ons tot christen,
het gaf ons een sacra­men­tele band
met de ge­meen­schap van de Kerk
en in het doopsel sprak God in feite
tot de dopeling, tot ons:
“Jij bent mijn kind, mijn zoon, mijn dochter,
in wie ik welbehagen heb”
- van wie Ik dus heel veel houd.

Waarom een kind laten dopen?

Het is een prach­tig gebeuren, een feest,
als iemand in onze familie- of ken­nis­sen­kring
wordt gedoopt
en het doet toch een beetje pijn
als ons dier­ba­re mensen ervoor kiezen
om hun kind niet te laten dopen,
want het doopsel is iets moois,
een zegen die op het kind mag rusten
en een wens ook
die we het kind mee­ge­ven
dat het gelukkig en gesterkt mag zijn
en met Gods hulp
mag strij­den tegen het kwaad
dat zo dominant is in onze wereld
en om een goed, liefde­vol en gelovig
mens te kunnen zijn.
Nu we dage­lijks horen
van geweld en aan­slagen,
oorlogsdrei­ging en crimineel egoïsme,
rea­li­se­ren we ons
hoe nodig het is
dat er mensen deze wereld bevolken
die bezield zijn door de goede Geest,
door geloof, hoop en liefde.

Toewij­ding aan Maria

En aan het einde van de doop­vie­ring
wordt het kind ge­woon­lijk ook
onder de bescher­ming van moeder Maria geplaatst
door een toe­wij­ding en gebed
opdat zij een hemelse Moeder
voor dit kind mag zijn.

Het belang van een ge­meen­schap


Dat we als mens behoren
tot een grote, we­reld­wijde ge­meen­schap
en dat er nog een andere dimensie van ver­bon­den­heid is
met mensen die ons zijn voor­ge­gaan,
met een hemelse wer­ke­lijk­heid,
ja, dat er zoveel is
dat ons overstijgt,
dat komt tot uiting in het doopsel
en dat is juist in onze tijd
dus een heel be­lang­rijke gedachte.

Mensen zijn vaak druk
met zichzelf, met hun eigen dingen, als individu
en alles wat de in­di­vi­duele mens overstijgt
is breek­baar gewor­den:
relaties, vereni­gingen, ge­meen­schappen
en ook de ge­meen­schap van de kerk;
wat niet aansluit bij het “ik”
is kwets­baar, in onze tijd.
Dat gevaar dat de wereld steeds meer
door het “ik” wordt geregeerd
moeten we proberen te bezweren
en daar kunnen we allemaal iets aan doen.

Het heilig doopsel geeft een genade,
een zegen van God
en laat ons ervaren
dat we gedragen wor­den
door mensen
- bij het doopsel gebeurt dat let­ter­lijk:
het kind wordt bij de vie­ring
door ouders en peet­ou­ders gedragen -
dat we gedragen wor­den
door de ge­meen­schap
- heel bij­zon­der door de ge­meen­schap van de Kerk -
en door God,
onze hemelse Vader.

Het is be­lang­rijk dat we bevor­de­ren
wat mensen met God en met elkaar verbindt.
Dit is dan na­tuur­lijk tevens een opdracht
om samen als Kerk
echt ge­meen­schap te zijn.

Het "ik" moet kleiner wor­den...


Om zo te kunnen leven
dat we anderen kunnen dragen
en ons zelf gedragen kunnen weten,
moet ons “ik” een beetje kleiner wor­den:
we horen ergens bij,
we zijn niet alleen op de wereld
en het gaat dan om eenvoud,
nede­rig­heid, zich in kunnen voegen.

Als het “ik” te groot is,
kunnen we trouwens
de grote vragen van het leven
niet begrijpen,
want de vragen waar we
in het leven voor komen te staan,
doen zich niet zozeer voor
als alles gebeurt zoals wij dat graag zien;
die zijn er over de dingen
waarvan wij denken en vin­den:
“Waarom?”, “Hoe kan dit?”
en die vragen kunnen we alleen maar
tastend en zoekend
een klein beetje beantwoor­den
door met een breder per­spec­tief te kijken,
met overgave en ver­trouwen.
Antwoor­den kunnen dan alleen komen
als we dat “ik” wat los kunnen laten,
niet om onszelf blijven cirkelen.

Jezus en het Doopsel


Jezus zelf heeft het doopsel heel be­lang­rijk gevon­den.
Het eerste wat Hij doet
als Zijn open­ba­re, publieke leven begint is:
zich laten dopen!
Het laatste wat Hij tegen Zijn leer­lin­gen zegt
is dat ze erop uit moeten gaan,
de blijde bood­schap ver­kon­di­gen
en de mensen moeten dopen.
En het eerste wat de apostelen doen
als ze naar buiten tre­den
op het Pinkster­feest,
is juist dát:
de blijde bood­schap ver­kon­di­gen
en ze hebben toen aan­slui­tend
zo’n drie­dui­zend mensen gedoopt.

Zijn voor­beeld

Toen Jezus kwam
om zich te laten dopen,
wilde Johannes de Doper Hem tegen hou­den:
Jezus had geen doopsel nodig!
Want dat doopsel was
een daad van nede­rig­heid
en van beke­ring,
maar Jezus is de Heer,
die geen beke­ring nodig heeft!
Toch wilde de Heer dat doopsel ondergaan.
Hij wilde ons een voor­beeld te geven,
een stimulans,
zoals ouders hun kinderen meer leren
door het voor­beeld dat zij geven
dan door de woor­den die zij spreken.
Een ouder kan duizend keer zeggen
dat het goed of slecht is om dit of dat te doen,
maar als die ouder zelf het tegen­over­ge­stelde doet,
zullen de woor­den weinig indruk maken.
Woor­den én daden!

Zijn kind...

Jezus werd gedoopt,
een duif daalde neer,
teken van de Geest van God
en een stem klonk:
Dit is mijn Zoon, mijn Kind....

Dat die stem ook over ons allen
dikwijls mag klinken,
dat die Geest van God
vaak over ons mag neerdalen
en ons met God en de mede­mensen
mag verbin­den
en iedere keer dat dit gebeurt
wordt ons doopsel versterkt en beves­tigd.

Terug