Arsacal
button
button
button
button


75 jaar vrijheid in eenvoud herdacht

We gedenken hen die vielen, we vieren de vrijheid

Artikel Overig - gepubliceerd: maandag, 4 mei 2020 - 882 woorden
de broers en zussen Löb, weggevoerd op 2 augustus 1942
de broers en zussen Löb, weggevoerd op 2 augustus 1942
Monument voor de gevallenen naast de kathedraal
Monument voor de gevallenen naast de kathedraal
Gedicht van Haarlemse scholier bij het monument
Gedicht van Haarlemse scholier bij het monument

Veel situaties die zich tij­dens deze Corona-crisis voordoen, her­in­ne­ren aan de oorlogs­ja­ren. Hoe vaak hebben we al gehoord dat iets sinds die bezet­tings­tijd niet meer is voor­ge­ko­men. Toch gaat hier elke vergelij­king ook erg mank. We gedenken met eerbied de vele - vaak jonge - mannen en vrouwen die hun leven hebben gegeven voor onze vrij­heid.

Een mooie her­den­king vanuit de Ka­the­draal met de taptoe door kape­laan Johannes van Voorst en het Requiem van Cristobál Morales is te zien op ka­the­draal TV (You Tube video­ka­naal).

Verant­woor­de­lijk­heid

Als ik toch een vergelij­king trek tussen de beide situaties van toen en nu dan lijkt me dat die van de taak van verant­woor­de­lijken en gezags­dra­gers nog het meest vor de hand ligt. In het moment van de Corona-crisis staan de rege­ring en met name de verant­woor­de­lijke ministers onder grote druk, omdat zij - op basis van het advies van des­kun­digen en belang­heb­ben­den - ingrijpende beslis­singen moeten nemen ter bescher­ming van de publieke ge­zond­heid in onze samen­le­ving, daarbij dus ook alle andere belangen in acht nemend. Geen envou­dige taak, maar één die stress­vol is en waar­van men­sen­le­vens afhangen. Zo'n taak had­den ook be­stuur­ders in de tweede wereld­oor­log.

Be­stuur­ders in oorlogs­tijd

In de tweede wereld­oor­log lag dat - op het eerste gezicht - heel anders: er was welis­waar een Neder­landse rege­ring in balling­schap in Londen, maar die had in die jaren niets te zeggen over het beleid dat in Neder­land werd gevoerd. En er waren lokale be­stuur­ders, maar die waren meer op uit­voerend niveau actief, sommigen goed, anderen wat minder posi­tief. Maar we moeten niet vergeten dat het maat­schap­pe­lijk leven toen nog groten­deels op confessionele basis was gestoeld en dat er voor de katho­lie­ke organi­sa­tie bovendien een centraal gezag was in de Neder­landse bis­schop­pen.

Katho­lie­ke organi­sa­ties

Er was een katho­lie­ke omroep, een katho­lie­ke uni­ver­si­teit, een katho­lie­ke arbeiders- en werk­ge­vers­orga­ni­sa­tie, dito organi­sa­ties voor boeren en tuinders, voor leraren enzo­voorts, katho­lie­ke thuis­zorg en een uit­ge­breide katho­lie­ke pers met onder meer tal van dag­bla­den. Er was nau­we­lijks een terrein van de samen­le­ving te bedenken waarop geen katho­lie­ke organi­sa­ties actief waren, allen met een pries­ter als gees­te­lijk adviseur. De bis­schop­pen bestuur­den al die maat­schap­pe­lijke organi­sa­ties na­tuur­lijk niet, maar had­den een dui­de­lijk toe­zicht­hou­dende functie, zij gaven aan wat wel of niet met de katho­lie­ke beginselen overeenkwam en naar hun woord of beslis­sing werd geluisterd.

De positie van de bis­schop­pen

Het was heel dui­de­lijk hoe de Neder­landse bis­schop­pen tegen­over het Natio­naal So­cia­lis­me ston­den: al voor de oorlog, in 1936, had­den zij aan katho­lie­ke gelo­vi­gen het lidmaat­schap van de NSB, de Neder­landse Natio­naal Socialis­tische bewe­ging die met de Duitsers collaboreerde, verbo­den. Aan katho­lie­ken die toch lid wer­den, moesten de sacra­menten wor­den geweigerd.

Schaken met de bezetter

De presentie in de samen­le­ving van zoveel katho­lie­ke organi­sa­ties legde in oorlogs­tijd een grote verant­woor­de­lijk­heid op de sch­ou­ders van de bis­schop­pen, die zich ervoor geplaatst zagen dat zij voort­du­rend beslis­singen moesten nemen in reactie op maat­regelen van de Duitse bezetter om daar­mee aan al die katho­lie­ke in­stel­lingen een gemeen­schap­pe­lijke lijn aan te geven. Het doel van de bis­schop­pen was daarbij steeds heel dui­de­lijk: die wil­den koste wat kost vermij­den dat katho­lie­ke organi­sa­ties door het natio­naal-socialis­tisch (nazis­tisch) virus wer­den aangestoken en dat de onaf­han­ke­lijk­heid van de katho­lie­ke kerk ten opzichte van de Duitse bezetter in gevaar zou komen. Tege­lijk was dit een voort­du­rend schaakspel, waarbij goed over iedere zet moest wor­den nage­dacht, temeer omdat niet altijd meteen voor ie­der­een dui­de­lijk was wat de gevolgen kon­den zijn van bij­voor­beeld een registratie van bepaalde gegevens door de Duitse bezetter.

Protesten en de vergel­ding

Herhaal­de­lijk werd een protest­schrij­ven van de Bis­schop­pen publieke­lijk in alle kerken voor­ge­le­zen. Toen de bis­schop­pen gingen pro­tes­te­ren tegen de ge­dwon­gen loyali­teits­ver­kla­ringen en de razzia's en arbeiders-depor­ta­ties, wer­den de reacties van de bezetter hef­tiger. Pastoors die in de kerk bis­schope­lijke brieven voorlazen wer­den opgepakt en enige tijd vast­ge­zet. De pater Karmeliet Prof. Titus Brandsma die het besluit van de bis­schop­pen op de redacties toelichtte dat katho­lie­ke bla­den geen NSB-adver­tenties mochten opnemen, werd door de Duitsers afge­voerd naar con­cen­tratie­kamp Dachau en katho­lie­ke kloos­ter­lingen met een Joodse ach­ter­grond (zoals de broers en zussen Löb, zie bidprentje hiernaast) wer­den uit hun kloosters gehaald en op transport gesteld. De Duitser ant­woord­den steeds met vergel­dingsmaat­regelen, zoals die dat bij­voor­beeld ook deden toen naast de ka­the­draal een "foute" politie-agent door het verzet werd omgebracht: een veelvoud on­schul­dige burgers werd als vergel­ding gefusilleerd.

Een zware verant­woor­de­lijk­heid

Dat maakte de verant­woor­de­lijk­heid voor de bis­schop­pen zwaarder. De waar­heid en de rechten van de mens verde­digen is één, op zich mooie en heldhaf­tige zaak, veroor­zaken dat vele on­schul­digen om het leven wor­den gebracht, is nog iets anders, wat eigen­lijk niemand op zijn geweten wil hebben. De keuzes waren dan ook zenuwslopend. Niet voor niets was de ge­zond­heid van de aarts­bis­schop van Utrecht na de oorlog totaal ondermijnd. De huishoudster van paus Pius XII, zuster Pascalina Lehnert, ver­telde later dat de paus om reden van de vergel­dingsmaat­regelen in Neder­land had afgezien van een eigen scherper veroor­de­ling van de Joden­ver­vol­ging, dan de veroor­de­ling in meer algemene termen die hij tot dan toe had gedaan.

Hoe dan ook: we gedenken met eerbied wie opkwamen voor recht en recht­vaar­dig­heid, voor de vrij­heid en in het bij­zon­der voor de rechten van mensen, waar­on­der zovele Joden. En we gedenken met eerbied allen die voor die vrij­heid hebben gestre­den.


Fotoserie

Klik op een foto voor een uitvergroting.
Terug