Arsacal
button
button
button
button


Wat Jezus adviseert

Aswoensdag

Overweging Preek - gepubliceerd: woensdag, 17 februari 2021 - 652 woorden
de as staat klaar...
de as staat klaar...
aalmoezen geven hoort bij de vastentijd
aalmoezen geven hoort bij de vastentijd

Op Aswoens­dag open­den we de Veer­tig­da­gen­tijd met het ont­van­gen van het Askruisje. Dat ging dit jaar wat anders dan anderen jaren.

Op deze dag waren er in de ka­the­draal een uit­vaart en twee aswoens­dagmissen, zodat toch nog een rede­lijk aantal mensen in de gelegen­heid was het begin van de Vasten te markeren. De Mis in de ka­the­draal werd fraai opge­luis­terd door een kwartet van heren die Gre­go­ri­aans en meerstemmig zongen en die vie­ring is nog terug te zien op ka­the­draal tv.
Het askruisje werd dit jaar anders dan anders gegeven: de as werd op het hoofd gestrooid zonder dat er iets bij werd gezegd. De bijbe­ho­rende teksten die op de ver­gan­ke­lijk­heid van het leven wijst en op de nood­zaak tot beke­ring en geloof in het evan­ge­lie, wer­den nu eenmal uit­ge­spro­ken voordat de as werd uitge­deeld.

In de homilie ston­den we stil bij het evan­ge­lie: Mt. 6, 1-6. 16-18

Homilie

Wat Jezus adviseert

Niet voor de buitenwacht

De nadruk in de evan­ge­lie­le­zing
ligt sterk op de aanspo­ring
dat we de dingen die we doen,
vooral het goede
en eigen­lijk alles
waarom we geprezen kunnen wor­den,
niet voor de buitenwacht moeten doen,
niet voor de mensen,
niet voor de indruk
die we ermee kunnen maken.

Wat anderen vin­den

Dat is wel een heel goed woord
voor onze tijd,
die heel erg gericht is geraakt
op hoe je over­komt,
wat voor indruk je maakt,
hoe je pres­teert,
hoe je be­oor­deeld wordt
door andere mensen,
terwijl we juist moeten leren
om daarboven te staan.

Puber

Na­tuur­lijk, als je een puber bent,
kun je je afvragen
hoe anderen over je denken,
hoe je over­komt,
gewoon omdat je dan eigen­lijk zelf
nog wel onzeker bent
en dan kan het gebeuren
dat je iets doet omdat anderen het doen,
onder druk van de groep.

Forel

Maar bij volwassen wor­den hoort
dat je zelf keuzes maakt en afweegt
en zelf probeert het beste te kiezen,
ook tegen de stroom in durft te zwemmen,
zoals een forel dat doet
en dan komt bij de bron.

Je God­de­lijke gang

Een chris­te­lijke keuze maken we
door af te wegen
wat Jezus zou doen.
Christen-zijn draait onder meer
om vrij­heid.
We zijn ge­roe­pen tot vrij­heid in Christus,
dat betekent aan de ene kant
je eigen per­soon­lijke mening
los kunnen laten
doordat we open staan
om te kunnen begrijpen
wat goed is en waar
- dus: niet te eigen­wijs -
maar wel: vrij staan
tegen­over wat mén denkt en vindt,
kiest of doet.
Ga je eigen God­de­lijke gang,
in de zin van
stel je open voor wat God van je wil;
en dat kan soms heel per­soon­lijk zijn,
want God vraagt niet van ieder mens het­zelfde,
ieder heeft zijn eigen roe­ping
in het leven.

Niet het velletje

Leef niet voor de buitenwacht,
niet om indruk te maken,
niet alsof alles om jezelf draait,
niet omdat ie­der­een het moet zien,
maar leef voor God
die in het verborgene ziet.
Het gaat om onze binnen­ka­mer,
om ons hart,
onze geest,
Niet om ons velletje,
maar om wat daarachter, daar­bin­nen zit,
gaat het.

Drie mid­de­len

Om daarin te groeien,
is deze vas­ten­tijd, deze veer­tig­da­gen­tijd er.
Bij de persoon
die wie in deze veer­tig­da­gen­tijd
achter ons moeten laten
draait alles om hem of haar,
het “ik” is heel groot,
het eigen gelijk, geld en bezit
en de erken­ning door anderen.
De vasten geeft ons drie mid­de­len
om daar ver­an­de­ring in te brengen.
Aalmoezen, bid­den en vasten.

Aalmoezen

Aalmoezen zijn de giften
die we aan anderen geven,
vooral aan de armen,
bij­voor­beeld in de Vas­ten­ac­tie.

Bidden

Als we bid­den leggen we het centrum
buiten ons zelf,
daarin draait het niet om het ik,
maar gebed vraagt aan­dacht voor God.

Vasten

Het vasten doen we niet
voor een six-pack en een fraai figuur
- dat is weer het “ik” -
maar om onze behoeften,
het lekker en leuk
juist niet centraal te stellen.
Aalmoezen, bid­den en vasten,
drie adviezen
waar­mee het “ik” wordt los­ge­la­ten
en waardoor we gees­te­lijk groeien.

Van harte wens ik U toe
dat U met deze drie adviezen van onze Heer
een mooie vas­ten­tijd zult hebben!

Terug