Arsacal
button
button
button
button


En toch moet je het vertrouwen bewaren....

gebed voor de slachtoffers op de Filippijnen

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 17 november 2013 - 1019 woorden
interieur van de H. Mariakerk in Haarlem-Noord (Schoten)
interieur van de H. Mariakerk in Haarlem-Noord (Schoten)

Zondag 17 no­vem­ber was ik in Schoten (Haar­lem-Noord) in de Maria­kerk voor de vie­ring van de heilige Eucha­ris­tie op de 33e zon­dag door het jaar. Het koor zong de Mis van Gounod op bepaald niet onver­diens­te­lijke wijze. We hebben na­tuur­lijk speciaal gebe­den voor al die mensen op de Filippijnen die huis en haard moeten missen of vaak ook dier­ba­re fami­lie­le­den en vrien­den en voor alle die zijn om­ge­ko­men. De bis­schop van Haar­lem-Am­ster­dam heeft de pa­ro­chies uit­ge­no­digd om voor de mensen op de Filippijnen te collec­te­ren. Tijdens de Mis heb ik de volgende preek gehou­den.

homilie

Op het in­ter­net las ik
het verhaal van Roel Gonzalez, 42 jaar oud
en met zijn gezin afkoms­tig
uit de stad Tacloban op de Filippijnen,
maar gevlucht naar de hoofd­stad Manilla.
Hij had veel mee­ge­maakt:
van het ene op het andere moment
waren de huizen compleet weggevaagd,
er was geen voedsel en geen medicijnen
en de lijkenlucht
was in de tropische hitte ondraaglijk gewor­den.
Dus hij was gevlucht
om zijn kin­de­ren in vei­lig­heid te brengen,
een lange tocht, vol ontbe­ringen en moei­lijk­he­den,
maar hij had het gered.
Tegen de red­dings­wer­kers daar in Manilla
deed hij zijn verhaal
over alles wat hij had mee­ge­maakt.
Toen de storm eraan kwam
had hij de mooie witte gitaar
waar zijn dochter van 14 zo trots op was,
ergens hoog aan een muur van het huis gehangen,
in de hoop dat die gespaard zou wor­den.
Maar de storm was over de stad geraasd,
had het huis verwoest
en de gitaar was verdwenen.
Een dag later zag hij
in het kolkend stro­men­de water
- maar tegen een muur aan -
die gitaar weer drijven,
onbescha­digd, helemaal gaaf.
En terwijl zijn dochtertje daar in Manilla
die gitaar stevig vast hield,
ver­telde haar vader aan die red­dings­wer­kers:
“Bovenaan staat voor mij
dat je ver­trouwen moet hebben op God.
Als je geen geloof hebt,
is het bijna niet te doen.
Maar ik geloof echt dat het zo heeft moeten zijn:
Hij heeft ons gered,
Hij heeft ons laten leven,
Hij heeft ons meer tijd gegeven op deze wereld
om Hem te eren”.
Deze dagen zijn we allemaal begaan
met de mensen op de Filippijnen
die zo moeten lij­den door de superty­foon Haiyan.
In veel kerken wordt een collecte gehou­den
en morgen vindt een nationale actie plaats.

Mis­schien zou­den wij geneigd zijn
heel anders te reageren dan Roel Gonzalez;
mis­schien zou­den wij juist verwijten hebben gehad
en gevraagd hebben waarom God ons dit
had laten over­ko­men.
Maar hoe be­grij­pe­lijk dat ook is
en hoe goed we ook snappen
dat mensen die iets verschrikke­lijks mee moeten maken,
geschokt en gekwetst zijn
en dat hun ver­trouwen
dat God van hen houdt
een flinke knauw heeft gekregen,
toch is het goed om ons te binnen te brengen
dat er in zulke omstan­dig­he­den mensen zijn
die zich te binnen weten te brengen
dat God ons nu eenmaal geen kalme reis heeft beloofd,
maar wel een behou­den aan­komst.

We zijn nu in de laatste weken
van het ker­ke­lijk jaar, het li­tur­gisch jaar.
In deze weken wor­den we in de lezingen
uit het evan­ge­lie
herhaal­de­lijk gecon­fron­teerd
met de verschrik­kingen
die Jezus ons in het vooruit­zicht stelt.
Ook vandaag gebeurt dat uit­ge­breid:
oorlogen en onlusten,
verwoes­tingen en valse profeten,
hongers­nood en pest,
aard­be­vingen, schrikwekkende tekenen aan de hemel
en ver­vol­gingen,
dat staat de mens­heid allemaal te wachten,
volgens de woor­den van de Heer.
Het is alsof Hij ons daarop wil voor­be­rei­den,
zodat we daar toch een beetje op berekend zijn
en er beter tegen kunnen.
Het is vaak zo dat als je bent voor­be­reid,
dingen ge­mak­ke­lijker te dragen zijn.
Ik heb een man gekend
die erns­tig ziek was
en ten dode was opge­schre­ven.
Maar hij wilde er nooit over praten,
het hele on­der­werp was volstrekt taboe.
Voor zijn vrouw was dat verschrikke­lijk moei­lijk
en ze bleef nader­hand met het gevoel zitten
dat ze nooit afscheid had kunnen nemen.
Ook als iemand plot­se­ling sterft,
is de schok groot.
Je bent er niet op voor­be­reid.
Mijn eigen vader is anderhalve maand gele­den gestorven.
Vaak had hij met ons kin­de­ren en mijn moeder
over het sterven, de begrafenis en alles erom heen ge­spro­ken.
De laatste veer­tien dagen van zijn leven
werd dui­de­lijk dat hij niet lang meer te gaan had
en hij bereidde mijn moeder en ons kin­de­ren
erop voor.
Dat heeft ons allen heel veel goed gedaan
en ik kan het alleen maar aanbevelen:
schuif de moei­lijke dingen niet weg,
zie ze liever onder ogen,
laat ze er zijn
en ze wor­den ge­mak­ke­lijker om te dragen.
Het kruis dat je vreest,
weegt het meest.

Ook Jezus bereidde Zijn leer­lin­gen voor
op de verschrik­kingen die hen ston­den te wachten,
Hij sloot er niet Zijn ogen voor
en dat zou­den wij eigen­lijk ook niet moeten doen.
Want we hebben één zeker­heid:
dat we op weg zijn, ons leven is een reis
en dat dit aardse leven voorbij gaat.
Maar we hebben een hoop
die over de grenzen van dit leven gaat,
want als we alleen voor dit leven
onze hoop op God zou­den stellen,
zijn we de beklagens­waar­digste van alle mensen,
zoals de apostel Paulus ergens schrijft.
En die hoop is de reden
dat Jezus ons vandaag in het evan­ge­lie zegt
als Hij over de verschrik­kingen verhaalt
die de mens­heid staan te wachten:
“... laat u niet uit het veld slaan...
geen haar van uw hoofd zal verloren gaan....
Door standvas­tig te zijn,
zult ge uw leven winnen”.

Dat is de kracht nu van mensen op de Filippijnen:
weten dat rampen, tegen­slagen, oorlogen en hongers­nood
onder­deel uitmaken van de ge­schie­de­nis
van de mens­heid;
weten dat we hierop door Jezus zelf
al wer­den voor­be­reid;
weten ook dat dit ie­der­een kan over­ko­men
en dat het kwaad niet alleen slechte mensen treft;
en toch daarin de hoop bewaren,
het geloof en het ver­trouwen niet laten varen;
dat de weg van een mens, van een christen
wel via het kruis loopt
maar naar de heer­lijk­heid gaat.

Daarbij krijgen we ook allemaal wel
kleine tekens van hoop,
zoals die witte gitaar van dat meisje
in dat verhaal van Roel Gonzales
over wat hij had mee­ge­maakt;
Let op die kleine tekens in je leven,
waarin God je als het ware een knipoogje geeft;
het zijn tekens die ons ver­trouwen sterken
en waardoor de Heer ons laat merken
dat Hij ons in onze nood niet verlaat.

Laat U toch nooit
uw kost­baarste schat ontnemen:
uw geloof, uw hoop, uw ver­trouwen.
Amen

Terug