Arsacal
button
button
button


Wereldjongerendagviering in Haarlem

Palmzondag - “Waar ligt je schat?”

overweging_preek - gepubliceerd: zondag, 13 april 2014
Eucharistieviering in de St. Josephkerk
Eucharistieviering in de St. Josephkerk (foto: foto J. Hinfelaar)

Op Palm­zondag wordt wereldwijd in de katholieke Kerk een Jongerendag gevierd, die paus Franciscus dit jaar onder het thema “Zalig de armen van geest” stelde. Ook in het bisdom Haarlem-Amsterdam is deze dag gevierd met een jongeren-eucha­ris­tie­viering in de Sint Josephkerk in Haarlem en een programma bij Binnensteeds en het oecumenische Stem in de Stad, centra voor opvang van daklozen en andere mensen in nood.

Bij de viering van de Eucha­ris­tie liepen de jongeren, de ouderen en de kinderen met Palmpaasstokken mee in de palmprocessie aan het begin van de viering.

Tijdens de Mis heb ik de volgende homilie gehouden:

Homilie

De centrale vraag in je leven is altijd weer:
waar leef je voor?
Dat is een vraag die je niet één keer kunt stellen,
zo van: wat kies ik voor levensweg?
Waar ga ik voor?
Maar een vraag die iedere keer opnieuw
op je afkomt, bij alles wat je doet.
Waar leef ik voor?
Als we als het ware gevangen zijn
in onze eigen zorgen en belangen,
afgesloten van anderen, afgesloten van God
en dus altijd bezig met onszelf,
dan worden we uiteindelijk bitter en ontevreden.
Wij denken vaak:
Als ik dat heb en dat en als mijn leven zus en zo gaat,
dan zal ik gelukkig zijn.
Als duizend voorwaarden vervuld zijn,
dan is mijn leven fijn en mooi.
Maar in feite slaat dat nergens op.
Hoeveel steenrijke mensen zijn niet doodongelukkig?
Een steenrijke bankier in het Gooi
vermoordde vorige week
zijn vrouw, zijn dochter en zichzelf.
Hij had alles, maar geen vreugde en geen doel.
Paus Franciscus zegt in zijn nieuwe Exhortatie
Evangelii Gaudium,
die heel mooi is om te lezen,
dat hij de mooiste en meeste echte vreugde
heeft gevonden bij arme mensen.
Vandaar het thema van vandaag:
“Zalig de armen van geest,
aan hen behoort het rijk der hemelen”.
Natuurlijk kan ik begrijpen dat je het soms moeilijk hebt,
dat je pijn hebt of verdriet of dat je je eenzaam voelt,
maar er mag altijd een soort van onderstroom
van geloof en vertrouwen zijn,
die voortkomt uit onze ontmoeting met Jezus Christus.
De bron van je geluk ligt niet
in bepaalde omstandigheden.
Onze bron van vreugde moet we ergens anders vinden,
niet in wat we hebben,
niet in wat we kunnen,
niet in hoe ons leven loopt
(al kan dat misschien soms ergens een bijdrage zijn).
We kunnen ook ons geluk niet vinden in ons zelf,
zo’n stabiele factor zijn we niet,
ons leven en ons gevoel gaan op en neer.
We moeten juist uitbreken
uit die gevangenis van ons eigen “ik”
om ons geluk in de ontmoeting te vinden,
de ontmoeting met God, met Jezus Christus
en met onze naaste.
Wees niet “vol van jezelf”,
trek het geluk niet naar jezelf toe,
dan word je juist ongelukkig,
maar geef,
door te geven word je rijk.

Jezus Christus, onze Heer en Verlosser
laat ons dat vandaag zo prachtig zien.
De ene keer wordt Hij toegejuicht,
door menigte mensen met palmtakken in de hand,
zoals wij aan het begin van de Eucha­ris­tie­viering
samen hebben uitgebeeld,
de andere keer is het “Kruisig Hem”,
niemand steekt een hand uit.
Hoe houdt Jezus dit vol?
Hij blijft zichzelf en bidt.
De woorden
“Mijn God, mijn God, waarom hebt ge mij verlaten”,
zijn de beginwoorden van een psalm (22)
die Jezus bidt.
Die toejuichingen betrekt Hij niet op zichzelf,
Hij gaat er niet van zweven.
Hij komt de stad gewoon binnen
op een ezeltje, zonder vertoon.
En die bespotting en die pesterijen,
de marteling en de kruisdood,
ook dat betrekt hij niet op zichzelf;
Hij klaagt niet
hoe slecht Hij het heeft
en hoe erg het is dat Hem dit overkomt,
nee: Hij maakt zich arm, Hij doet dit voor ons,
om ons te verlossen
uit de zonde en uit het cirkelen om onszelf.

Zalig de armen van geest...
Je bent gelukkiger
niet als je meer hebt
maar als je minder nodig hebt
om gelukkig te kunnen zijn,
als je meer kunt geven,
je meer open kunt stellen.
Arm, armer, rijkst.

Paus Franciscus vroeg het zo
aan de Vlaamse jongeren die hem
vorige week kwamen interviewen:
“Waar ligt je schat?
Het is een vraag die ieder van jullie
voor jezelf moet beantwoorden”.

Waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

Ik hoop dat jouw antwoord is:
mijn schat ligt niet
bij de economie van het geld,
van het naar mij toetrekken
en opstapelen van schatten,
maar bij de economie van het heil,
van de liefde, de ontmoeting,
de economie van het geven.
Het goede dat je doet,
geeft de beste rente en de grootste winst.

Hoe kun jij je geven?
Het antwoord op die vraag
is jouw roeping
en dus een per­soon­lijk antwoord.
Die roeping heeft altijd met ‘geven’ te maken,
met armoede van geest
om werkelijk rijk te kunnen zijn.
Ik hoop dat er onder jullie ook zijn,
die je leven aan God willen geven
in de dienst aan de Heer als priester of religieus
en in de dienst aan de armen.

Laten we in die geest deze komende week
het lijden, sterven en verrijzen van Jezus
dankbaar vieren,
omdat Hij dit deed voor ons
en ons de weg van de liefde wees.
AMEN

Terug