Arsacal
button
button
button


Het verschil tussen Eucharistie en Woord- en Communieviering

Witte Donderdag

overweging_preek - gepubliceerd: donderdag, 2 april 2015
Na de viering in Driehuis werd het altaar ontbloot
Na de viering in Driehuis werd het altaar ontbloot

In de heilige Engelmundus­kerk in Driehuis heb ik de Witte Donderdagplechtigheid mogen vieren. Witte Donderdag is de dag van de instelling van de heilige Eucha­ris­tie en het priester­schap en van de voetwassing. Een gelegenheid om in te gaan op de betekenis van de Eucha­ris­tie­viering voor onze spiri­tua­li­teit en waar Eucha­ris­tie vieren méér of anders is dan de heilige communie ontvangen.

Homilie

Blijft dit doen...

Broeders en zusters,
Vanavond vieren we een bijzonder moment,
want het Laatste Avondmaal van Jezus
is niet zomaar iets,
het is de kern van ons geloof,
hier wordt ons geleerd wie God is
en wat onze opdracht in het leven is.
Jezus doet van­avond twee dingen,
die nauw met elkaar samenhangen
en waarbij Hij ons twee keer dezelfde opdracht geeft:
doe dit tot Mijn gedachtenis,
jullie moeten doen,
zoals ik heb voorgedaan.
Het eerste wat Jezus doet
is de instelling van de heilige Eucha­ris­tie.
Het tweede wat Jezus doet
is de voeten van Zijn leerlingen wassen.

Offer en zelfgave

Die instelling van de Eucha­ris­tie
tijdens het Laatste Avondmaal
was een heel belangrijk moment:
Jezus maakt duidelijk aan Zijn leerlingen
dat de dood die Hij
de dag erna zal ondergaan aan het kruis,
niet zomaar de dood van een misdadiger zal zijn,
niet zomaar een verwerpelijke slavendood,
maar Hij geeft zichzelf voor alle mensen:
“Dit is mijn lichaam voor U,
deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed”,
hoorden we met de woorden van Paulus
in de tweede lezing.
Jezus maakt zich tot een slaaf, tot een misdadiger
om uit liefde te sterven voor de mensen.
Dat moeten we blijven vieren,
dat moeten we blijven gedenken,
dat is de geest
waarvan we zelf doordrenkt moeten zijn.

“Blijft dit doen
om Mij te gedenken”.

Is een Woord- en communie­viering niet goed genoeg?

Soms denken mensen:
Is een Woord- en communie­viering
dan niet even goed als een Eucha­ris­tie?
Je hoort toch het Woord van God
en je ontvangt toch de heilige communie,
het Lichaam van de Heer?
Dat is natuurlijk al heel mooi,
maar de kern van ons geloof
is toch de viering van de verlossing,
van het lijden, sterven en verrijzen van de Heer,
en dat doen we in de heilige Eucha­ris­tie:
God heeft ons zo lief
dat Hij een mens werd
en als mens voor ons
Zijn leven heeft gegeven.

Dat is iets moois
iets om blij en dankbaar van te worden
en dat ons inspireert tot een bepaalde levenshouding:
om te geven,
meer dan te nemen;
om ook offers te brengen
als dat zo moet zijn
en niet alleen maar alles naar jezelf toe te trekken;
om los te durven laten
en niet alleen maar alles in de greep te willen houden,
alles te willen controleren.

Vroeger kwamen dan ook veel mensen
wel naar de kerk, naar de Mis
maar ze gingen daarbij vaak uit een zekere eerbied
niet ter communie.
De ouderen onder U weten dat nog wel.
Hun zondags­viering was om zo te zeggen
meer dan op het communiceren,
gericht op
het vieren van het offer van de Heer,
Zijn lijden, sterven en verrijzen,
onze verlossing.
En daar zat wel iets in,
want het belangrijkste is
dat wij ons een geest eigen maken,
de Geest die Jezus bezielde,
toen Hij Zijn leven
uit liefde voor ons gaf,
een geest van eenvoud,
van nederigheid en offerbereidheid,
niet op onszelf gericht,
maar gevend.

voetwassing

Het tweede wat Jezus doet
is dus het wassen van de voeten van de apostelen.
Het wassen van de voeten
was een slavenwerkje.
Toen Jezus eens op bezoek was gegaan
bij een belangrijke Farizeeër
was dat voeten wassen niet gebeurd:
daar was die belangrijke man te goed voor geweest,
dat was ver beneden zijn stand.
Maar Jezus knielt neer
in Zijn onderkleed.
Zijn mooie bovenkleren had Hij afgedaan.
Zijn apostelen noemden Hem Heer en Meester,
maar nu knielde Hij daar
in alle eenvoud neer,
alsof hij de minste was van allemaal.

En weer zegt Hij ons dat dit een voorbeeld is,
opdat wij zullen doen,
zoals Hij heeft gedaan.
Dat betekent niet per se
dat wij bij al onze gasten
de voeten moeten wassen,
maar wel dat we niet zo
op positie en eer moeten uit zijn,
bereid moeten zijn om te dienen,
om dienstbaar te zijn,
dat we niet
voor steeds groter, sterker, rijker, machtiger
moeten gaan,
maar voor de kleine, de zwakke, de arme en de machteloze
moeten kiezen.
Vraag niet: Wat kan ik pakken?
Maar: wat kan ik geven?

Ja, deze laatste avond
van het aardse leven van Jezus
is één grote oproep
om niet voor onszelf te leven,
niet om te nemen,
maar om te geven;
wie geeft wordt rijker,
wie neemt wordt armer,
dat is de paradox van ons christelijk geloof.

Hem volgen...

De Heer geeft zich tot het uiterste.
Aan het eind van deze viering
volgen we Hem in de geest
terwijl Hij de zaal van het avondmaal verlaat
en op weg gaat naar de Hof van Olijven.
Daar begint Zijn lijdensuur.
Het wordt symbolisch aangeduid
doordat we het heilig Sacrament wegbrengen
naar het rustaltaar
en we worden uitgenodigd
om daar nog even te bidden
zoals Jezus dat in de Hof van Olijven
aan Zijn leerlingen vroeg.

Van harte wens ik U mooie, goede dagen
in dit paastriduüm,
dat die U mogen helpen
om steeds meer te leven
vanuit de Geest
die Jezus bezielde.
Amen.

Terug