Arsacal
button
button
button
button


Ontmoeting verantwoordelijken Neocatechumenale Weg

Nieuws - gepubliceerd: zaterdag, 10 oktober 2015 - 451 woorden
Bij een eerder bezoek aan het Redemptoris Mater seminarie
Bij een eerder bezoek aan het Redemptoris Mater seminarie

Op vrij­dag­avond 9 ok­to­ber was ik in Dordrecht voor een boete­vie­ring. Daar waren verant­woor­de­lijken, missie­ge­zinnen en cate­chisten van de ge­meen­schappen van de Neo­ca­te­chu­me­nale Weg in Neder­land bijeen voor een ‘conviventie’ een drie­daag­se periode van be­zin­ning, gebed en ont­moe­ting.

Enkele honder­den verant­woor­de­lijken maakten de boete­vie­ring mee, evenals een der­tigtal pries­ters. Tijdens de vie­ring was er gelegen­heid om het boete­sa­cra­ment te ont­van­gen, waar zeer veel gebruik van werd gemaakt. Bruna Spandri stelde de ge­meen­schappen en de missies ‘ad gentes’ kort voor. Het evan­ge­lie van de dag werd voor­ge­le­zen (Lc. 11, 15-26) waarin Jezus ervan wordt beschul­digd door de duivel de duivels uit te drijven en Jezus onder meer spreekt over de onreine geest die een mens verlaat en met zeven slechte geesten terug­keert.

In de homilie heb ik onder meer ge­spro­ken over het dienend karakter dat man en vrouw eigen moet zijn in het huwe­lijk: alleen met een geest van dienst­baar­heid, zoals de apostel Paulus schrijft, kun je een relatie goed en mooi maken. Door de erfzonde is dat voor ons mensen niet altijd ge­mak­ke­lijk: we willen heersen, niet dienen. Het komt ook in dit evan­ge­lie tot uiting waar Jezus wordt bekritiseerd en men de gaven van de God in Hem niet wil erkennen. Maar de geest van dienst­baar­heid maakt echter het leven mooi, het is ten diepste een ont­vanke­lijk­heid, die ons ook helpt de gaven van de Geest te on­der­schei­den.

De strijd tegen de zonde is uit­ein­delijk een gevecht tegen ons verlangen te willen heersen, tegen de hoogmoed. Een heel be­lang­rijk middel is het onder­schei­dings­ver­mo­gen waardoor we onze eigen zwakke plekken onder ogen zien. Toch zullen het vaak de duivels zijn die we net hebben weggejaagd, die weer te­rug­ke­ren: het zijn dezelfde zwakke plekken die opspelen en die ons tot dezelfde zon­den brengen. Dat moet ons niet mis­moe­dig maken: het is be­lang­rijk te zien hoe de barm­har­tige blik van Jezus op ons rust, die ons aanvaardt zoals we zijn en die opnieuw voor ieder van ons afzon­der­lijk zijn leven weer zou willen geven.

Het is die liefde die ons ook de moed mag geven om met ver­trouwen, ja met vreugde onze zon­den te belij­den. We hebben de nei­ging om zelfs in het belij­den van onze zon­den nog goed uit te willen komen, geen slecht figuur te willen slaan. Maar we hoeven geen indruk te maken, niet op de pries­ter, die zelf ook maar een mens is, en zeker niet op God die ons beter kent dan wij ons­zelf kennen. Laten we onze blik gericht hou­den op Zijn einde­loze barm­har­tig­heid en bedenken dat het er niet om gaat dat wij perfect zijn, maar dat wij allemaal als bede­laars naar |hem toe komen en leven van Zijn liefde en barm­har­tig­heid voor ons.

Terug